Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 194

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 194

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

186

Hieruit volgt

Hfst. III. § 72.

2.

dat

vanzelf,

DAVID CHYTRAEUS.

de /«W-theologische studiën

De

innemen.

een zeer ondergeschikte plaats

hem

bij

Theologie toch

is

hem de fons, „ex quo omnes reliquae scientiae profluunt et in quem versus defluunt et ad eundem tanquam ad initium et finem referuntur". Ook de overige scientiae hebben dus waardij. Hij keurt ze niet af; hij veroordeelt ze niet; „non improbo aut damno liberalium artium, literarum et linguarum cognitionem" deel, hij geeft toe, dat ze

en

bewijzen

dienst

integen-

;

voor de Kerk een sieraad kunnen

zijn.

de uitlegging der H. Schrift; „at idem

bij

ego contendo, longe praestantiores virtutes esse, veram pietatem, experientiam certaminum spiritualium eet., nee satis esse Theologi

mentem

praeclaro acumine et eruditione politam, et plectrum

linguae volubile esse,

vera poenitentia,

mulata accedat" liefkrijgt,

maar

nisi voluntatis et cordis

obedientia erga

fides, consolatio, patientia, dilectio

Uitnemende woorden, waarom

(p. 9).

die door de vergelijking

heden slechts de zwakheid van

zijn

Deum,

proximi non

si-

men Chytraeus

van ongelijksoortige groot-

standpunt verraden

wat

iets,

;

nog sterker uitkomt, waar hij zijn bedoeling practisch toelicht. Daar toch beweert hij, dat b. v. de leer der Drieëenheid nu eenmaal door het Symbolum apostolicum, Nicenum et Athanasii is afgedaan,

zoodat

Theologie

de

Het

hoeft in te dringen.

verschil

meerden treedt hier dan ook

in dit

mysterie niet dieper be-

met het standpunt der Gerefor-

niet onduidelijk

aan het

licht.

Terwijl

toch de Gereformeerde encyclopaedisten er afzonderlijke tractaten

over

schrijven,

om

op aan

er

zelf levenslang studie

te dringen, dat elk lid

Kerk

der

van Gods Woord make, draagt Chytraeus

deze taak in hoofdzaak aan de Doctores ecclesiae op; en acht dat dezen geroepen

gereed

te

zijn,

maken en

een extract

uit

de Schrift voor het volk

steeds uit te zuiveren, zoodat feitelijk de

God

ecclesia docens tusschen

en de gemeente komt

en de studie der Theologie, wel verre van leven,

slechts

genademiddel,

om

Schrift

vervat,

uit

in

te staan,

eigen aandrift te

haar practisch doel wordt gewaardeerd. Het

waardoor God ons

dan ook eigenlijk

hij.

niet

die

innerlijk begenadigt,

de Schrift zelve, maar de doet rina

is

hem

in die

door de Doctores ecclesiae aan het volk

een epitome Bibliorum wordt voorgelegd.

in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 194

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's