Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 292
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
;84
Wolffiaansche philosophie
heftig, tegenstribbelen, der te
nium
mathematica
dagen
een
zijn.
hart. Ze zouden dan nu voortaan, op met de helden der overige wetenschappen,
gelijkheid,
hun beweringen bewijzen konden.
die
zonder aanvankelijk althans ook maar
dien koop,
sloten
van verre
Schriftautoriteit,
pak van het
meetellen als geleerden, ze
beter
maar de demonDit was den zwakken theologen dier
noch de
Sancti,
stratio
En
de armen
en die rechtstitel zou niet meer het testimo-
bezitten,
Spiritus
voet van
in
Ze zou dan minder, maar wat ze behield, op
werpen.
rechtstitel
ERNESTT.
Hfst. III. § 90.
2.
vermoeden, hoe hiermee hun theologisch beginsel
te
verloochend, de ratio als meesteresse erkend was, en voortdurende slinking van het kleine kapitaal, dat
moest
zijn
afloop van zeer snelle wateren".
,,ccn
nog gered scheen, de
straf
voor hun beginselloosheid. Alras bleek het dan ook
De philosophie had
in
minder
dan twintig jaren heel de Kerk veroverd, en hoe ook onder de Wolffianen nog enkelen het Supranaturalisme poogden te mainteneeren, toch sprak het vanzelf, dat Wolff's systemaden Rationalisten in
om hun
de hand moest werken,
alleenheerschappij
eerst de hegemonie, straks de
Kant opstond, en hun
geven, tot eindelijk
te
„essentia entis possibilitate eius intrinseca absolvitur" als een spin-
rag wegvaagde. Niet eerst door Kant dus, maar door Wolff reeds
waren de ancilla
omgekeerd de philosophie was regina, de Theologie
rollen
:
geworden, en tegenover het gronddogma der Reformatie,
dat de S. Scriptura als lapis Lydius in het rijk der waarheid was,
gold reeds na 1750
in vrij
algemeenen
Wolff's stelling: „ad
zin
rationem tanquam ad Lydium lapidem omnia debere examinari".
Had
de Theologie, vooral
gedecimeerd,
en straks
uit
Duitschland,
in
de philosophie eerst
het oog verloren, thans schaamden
de theologen zich omgekeerd over hun eigen positie en benijdden
hun
philosophischen
Stelde
in
collega's
midden der
het
op, zich het patronaat in
het
midden der
i7
de eere, die hun gegund werd. de
eeuw een
philosoof er
van een invloedrijk theoloog
i8 de
te
nog
prijs
verwerven,
eeuw dingt de theoloog reeds naar de
goede gunst van den wijsgeer. Toch ging ook deze overgang niet
plotseling,
eerste
uiting
en
van
wie dit
bij
mannen
theologisch
als
Erncsti
en Semler de
Rationalisme bespiedt,
voelt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's