Kuyper-gedenkboek 1907 - pagina 78
56
Het Lied van Juda. Jesaia, Cap.
Het
lied
van Juda
!
—
Wij ontvingen
een sterke stad, door
God
gesteld.
Doet wijd haar poorten openspringen, dat al het Volk er binnen snelt Het is het vast besluit des Heeren, dat Hij den vrede zal vermeêren aan ieder, die Hem heeft verbeid. Vertrouwt op Hem in alle dingen en voor den Heere Heere zingen wij Juda's lied in eeuwigheid.
God
buigt den hooggezeten neder
de trotsche stad doet Hij verstaan, dat Hij, der gruw'len wreker, weder haar
De
het stof zal nederslaan.
d'
en
zij
heeft vertreden
nu ontzet, met luchte schreden ijdlen nek ten reie gaan
zal,
op
in
voet van dien
pad, dat
't
stiert,
Gods
verlosten loopen
recht en effen, op den open
voor hen bestemden Hemel aan.
Wij hebben
in
den weg der eere U verwacht
en der gerichten
Uwes Naams gedachtnis, Heere, was ons begeeren dag en nacht. zocht mijn ziel bij vasten, waken:
tot
U
vinden en genaken; Ontving wat mij was toegezeid
Gij liet u 'k
'k
mocht ervaren en beseffen
Uw
gerichten de aarde treffen,
en als
zoo
leert Gij
haar gerechtigheid.
:
XXVI.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 500 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 500 Pagina's