Parlementaire redevoeringen - pagina 41
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
SOCIALISTISCH JARGON.
39
Aanvrage hiertoe is niet geschied, en, waar ze zoo goed zeker vooralsnog op weigering zou stuiten, onraadzaam geacht.
gewisseld.
is
als
Vergadering van
December
4
1901
zonder er tegen op te zien, dat ik het woord neem, om de vele beantwoorden, die Vrijdag, gisteren en heden, aan de Regeering eene betuiging van sympathie of uiting van critiek ten beste hebben gegeven. ik erken het gaarne die taak mij even aangenaam Toch wordt
Het
is
sprekers
niet te
—
als
licht
—
gemaakt, door de welwillende wijze,
waarop de
partijen der
Rechterzijde haar steun aan het Kabinet hebben toegezegd en evenzeer
wordt
mij
ook
bijna
die taak vergemakkelijkt
zeggen:
door
de
door de wellevendheid
welwillendheid
—
—
ik
mag
waarmede de onder-
scheidene partijen der Linkerzijde haar critiek op het opgetreden Kabinet in een vorm, die niet alleen al het krenkende van zich maar tevens ook voor de toekomst zekere hoop op samenwerking
hebben gekleed stiet, liet
doorschemeren.
maak
Ik
daarbij
geen uitzondering voor den heer Schaper.
waarmede
zoo, dat de uitdrukking,
overigens ook door mij zeer op
en zaakrijk
—
hij
gisteren zijn rede
prijs gesteld
besloot, metterdaad anders
—
en gewaardeerd
was dan
Het
is
eene rede, als
kundig
hier in het Parlement
gehoord wordt. Hij eindigde toch met te zeggen, dat hij het oog op ons zou houden, of wij ook valsche troef kaarten uitspeelden. Nu is het uitspelen van valsche troeven de eigenschap en de gewoonte gemeenlijk
van een valschen speler; en van zedelijkheid minder
zelfs
onder hen, die op andere beginselen
prijs stellen,
is
het zijn van een valsch speler
iets, wat het meest het karakter degradeert. Intusschen weet ik, hoe de heeren sociaal-democraten zich hebben aangewend een ik erken het gaarne — in deze eigenaardig jargon, wat door hen
steeds geacht als
—
Kamer
met groote spaarzaamheid wordt gebezigd. Zij bedienen zich hier bijna uitsluitend van parlementaire vormen, en waar dit in andere Parlementen zooveel te wenschen overlaat, meen ik, dat men aan de Regeeringstafel niet te gevoelig moet wezen, wanneer een
overigens niet dan
spreker,
zullen
voeren,
na
gezegd
daarop
te
hebben,
onmiddellijk
nooit laat
eene deloyale oppositie
volgen
iets,
te
wat op deloyale
oppositie tamelijk wel gelijkt.
Ik wensch thans vooreerst af
te
snijden wat ik meen, dat afgesneden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's