Parlementaire redevoeringen - pagina 302
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
;
ZITTING 1902—1903.
300
Dank
van
ik
goedgunstigheid
de
zij
heb
en
geweest
ik
ben
kantonbestuur,
Bernsche
het
technisch onderwijs kennis genomen.
van ik
Zwitsersche Regeering en het
de
in het
bezit
van volledige gegevens,
In België die reis vooreerst niet zal behoeven te herhalen. den inspecteur van het technisch onderwijs, den heer Rombouts, een zeer kundig man, van wien veel te leeren viel, gesproken en onder leiding alles gezien, zoodat ik meen, dat ik ook niet naar België zijn gezonden behoef te worden. De heer De Stuers wilde mij naar Parijs om l'Oeuvre de St. Nicolas te bezoeken, waar men laten gaan
zoodat ik
heb
ik
het
moeilijke
daar
probleem had opgelost.
men
had
schaal,
zoodat
kunnen
afzien.
Men
het ik
probleem
meen,
van
ook eene
In
Luik ben
reis
ik echter
alleen
op
naar Parijs
om
opgelost,
geweest
veel die
ruimer reden
te
maken, waar het ambachtsonderwijs toe behoort en waar het vakonderwijs onder dak moet worden gebracht. Behoort het tot het lager, middelbaar of hooger onderwijs? De resultaten van mijn onderzoek omtrent deze quaestie zal men vinden, wanneer het ontwerp tot herziening van het Eene van de eerste zaken, die ik ter middelbaar onderwijs inkomt. bestudeering vond, was deze quaestie. Ik zal er niet veel over zeggen, maar alleen de heeren, die er over gesproken hebben, er op wijzen» dat wij hebben de wet op het middelbaar onderwijs met haar burgerdagen avondscholen en daarin een element vinden voor het lager vakonderwijs. Er staat in de wet op het middelbaar onderwijs, dat die scholen bestemd zijn voor aanstaande landbouwers en ambachtslieden. voorts
heeft
—
Zij zijn
gesproken over de moeilijkheid,
—
wat de burgerrfa^scholen betreft
uit
te
mislukt. Terwijl bepaald
zouden komen in plaatsen met een zeker aantal inwoners, heeft men verlof moeten geven, ze niet in te richten, en zijn zij daar, waar zij waren ingericht, verdwenen. In den laatsten tijd is men gaan gevoelen, dat hier aan de gemeenten eene verplichting was opgelegd, die al te zwaar zou drukken, maar waarvan gebruik kon gemaakt was, dat
zij
worden om de burgeravondscholen uit te
Het
tot
hun recht
te
doen komen en
breiden. ligt
in mijn
geven dan gewezen in
tot
voornemen, aan de wet
dusver
geschiedde.
De
in
deze meer uitbreiding
te
waarop reeds
is
moeilijkheid,
geval van Leeuwarden, bestaat echter hierin, dat, als men zulke scholen laat bij het middelbaar onderwijs, men ze ook bindt aan de overige bepalingen van de wet op het middelbaar onderwijs, wat het
bevoegdheid en
Ik
geloof,
moeilijkheid te ondervangen, wat den
heeren
toezicht
betreft.
dat het mij zal
blijken
is
gelukt, die
wanneer het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's