Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 462

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 462

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1903—1904.

460

De

woordvoerder van de voorstellers van het amendement heeft als zijn meening uitgesproken, dat, hoewel ik, ingeval eene vrouw tot burgemeester of secretaris zou worden benoemd, verklaard had, dit besluit voor vernietiging te moeten voordragen, mijn geachte ambtsvoorganger dit waarschijnlijk niet zou hebben gedaan. "Welke conclusie trekt hij daaruit? Is het dan regel, dat elk besluit, dat met de wet of het algemeen belang strijdt, moet worden Natuurlijk niet. Uit de niet-vernietiging. volgt zonder meer vernietigd. geen opinie. Reeds daarom, dat bij niet-vernietiging geen met redenen omkleed besluit volgt, wat wel plaats heeft bij vernietiging. Ik kan dus niet aannemen, dat die twee gevallen pari passu zouden loopen. Mijnheer

Wat

de

Voorzitter!

mijn beroep aangaat op

geachte

art.

180, heeft de geachte afgevaardigde

verwezen naar hetgeen daarover geschreven is door wijlen den Buys. De geachte spreker heeft er den nadruk op gelegd, dat daar gesproken wordt van personen, die niet in staat zijn de wapenen te dragen. Wanneer hij het daar geschrevene naziet, dan zal hij bemerken, dat prof. Buys daar slechts wederlegt een gevoelen van generaal Reuther, die het niet over de quaestie van de vrouwen had, maar over Dat mannelijke personen, die niet in staat zijn de wapenen te dragen. mij

heer

beroep houdt dus geen steek.

Daarna

heeft

de geachte spreker getracht, de door mij aangevoerde

argumenten, ten bewijze, dat de tegenwoordige Gemeentewet de vrouwen uitsluit, te wederleggen. Maar hoe heeft hij dat gedaan! Hij deed het dat hij het krachtigste door mij gebezigde argument eenvoudig onbesproken liet. Ik beweerde namelijk, dat de Gemeentewet bedoelt, de gemeentebelangen te waarborgen tegenover schadelijke invloeden ten

zoo,

nauwe

van het bestuur. behoeft die bedoeling Omtrent als vast worden aangenomen. men niet in het onzekere te verkeeren. Immers, de Gemeentewet is zoo maar niet uitgegaan van den premier venu, maar van Thorbecke, toen reeds in de Belgische Gemeentewet een keurig product van wetgeving voor hem lag, zoodat men mag aannemen, dat hij niet terloops de zaak heeft behandeld, maar daarover ernstig heeft nagedacht. De bedoeling van de Gemeentewet is alzoo, de gemeentebelangen te waarborgen voor schadelijke invloeden ten gevolge van parentage. En daarom gevolge van Dit

te

parentatie der verschillende leden

mag wel

gaat het niet aan, het ergste gevaar,

Dit

kan toch ook de heer Smidt

waarschijnlijk

het

geheele

ontstaan waarneer de

waarop

niet

argument,

dat juist het meeste gevaar

man burgemeester en

vanger was, laten rusten.

Welnu,

als

ik wees, niet af te keeren.

ontkennen, en daarom heeft

hij

zou

de vrouw secretaris of ont-

de tegenwoordige wet eenvoudig

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 462

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's