Nabij God te zijn - pagina 340
332
TOEN IK EEN KIND WAS.
Wreed ook
het, de kinderjaren in het heilige
is
te laten voorbij gaan, en te denken, dat de religie
wel later zal komen.
ongebruikt bij
het kind
Juist die eerste levensjaren zijn aan-
gewezen,
om
met God Er is
in het kinderhart gestalte te doen verkrijgen.
het fondament van alle religie in de gemeenschap
in het kinderhart een natuurlijke ontvankelijkheid,
die heiliglijk geleid en gevoed,
aan het hart een plooi
geeft,
die voor heel het leven weldadig in zijn uitwerking zal zyn.
En
omgekeerd,
lijkheid
ook
al
te
is
hier niet op gelet, en die eerste ontvanke-
niet
gedaan, dan kan levenslang de vrome zin,
hij
later op, dat innige en teedere derven, dat
komt
Jezus juist in onzen kinderzin vraagt.
Maar op
zijn
juist dat
gevaar
manier, naar
zijn
is
alleen te keer en, door het kindeke
aard en type, aanstonds met God-
zelf in zielsgemeenschap te brengen.
het kindeke moet ook de heilige historie ook de heilige waarheden leeren kennen, ook heilige Dat alles is uitnemend. Maar liederen zich eigen maken. dat alles baat niet, zoo niet allereerst ook in het kindeke Natuurlijk,
leeren,
van een geheimzinnige wereld ontluikt onmiddellijk besef van zijn gemeenschap met den
zijn
instinctief besef
tot
een
alzienden, alwetenden, alomtegenwoordigen God.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's