Parlementaire redevoeringen - pagina 376
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
,
ZITTING 1902—1903.
374
„eene onbezonnen daad" beschouwde, waartoe verschillende motieven hadden medegewerkt, maar waarvan men de strekking en de portee op dat oogenblik niet had doorzien. Uit de omstandigheid, dat men het misdadige en crimineele karakter van eene daad, die in onbezonnenheid wordt verricht, niet doorziet, volgt evenwel niet, dat zij daarom objectief niet misdrijf blijven zou. Het eerste zou in aanmerking komen, en dit ook in antwoord aan den geachten afgevaardigde, den heer Drucker, die vroeg, of wij geen verschoonende omstandigheden konden pleiten indien er sprake was gev/eest van retroacte bedoeling om het artikel
—
—
ook
toe te passen ten opzichte van de gepleegde daad. Maar daarvan geen sprake geweest. Alleen en uitsluitend om voor de toekomst te zorgen, moest niet alleen voor de Regeering, maar ook voor het Nederlandsche volk en het spoorwegpersoneel zelf die staking als een misdrijf is
En
vaststaan.
ik
vraag met allen ernst:
is
van misdrijf
die qualificatie
sterk?
te
De
spoorwegstaking verraste de mannen, die er toe medegewerkt
hadden,
het effect
in
Zij
zelf.
aan eene spoorwegstaking
en
hadden lang gedreven op de gedachte hadden plannen voorbereid, die, gelijk
van achteren gemerkt hebben, op een later meer gelegen tijdstip moesten worden uitgevoerd, maar, hoe zij zich de zaak ook hadden ingedacht, dat zulk eene staking zoo'n enorm, zoo'n kolossaal effect zou teweegbrengen, dat hadden zij zich zelf niet voorgesteld. Wanwij
neer nu,
nadat
effect
dit
was gekomen, de
uit
leiders
van
de
vak-
vereenigingen,
zoowel als de sociaal-democraten, daarvoor waren teruggeschrokken, teruggebeefd, en zelf hadden ingezien, dat zoo iets misdadig is, dan zou uit den aard der zaak geen verdere actie, van welke zijde ook, noodig zijn geweest. Maar in plaats daarvan zag men
Het
precies
het
tegendeel.
termen,
dat
men met andere woorden
federatie"
leven
het
in
zijn
machtsbesef
macht had,
zei,
met
werd
uitgedrukt
dat de president
een
stukje
Het
in
zulke
van „onze
papier het geheele
met dezelfde in het orgaan van de Spoorwegvereeniging „Evenals men eene locomotief en een geheelen trein met een enkelen druk op een kruk laat stil staan, zoo is er maar een enkel strookje papier noodig om den in
de
maatschappij
laten
te
stilstaan.
woorden
geheelen boel
staat
:
stil
te
zetten."
Het onmiddellijk gevolg was,
dat machtsmiddel tevens een middel zag
men
voortaan zou willen.
het
gebruik
om
al
datgene
te
dat
men
in
bereiken, wat
Er was geen sprake van terugdeinzen voor Het werd als zóó kostelijk, als zóó heerlijk aangeprezen, dat men voelde, dat de eigenlijke macht zat in het kantoor van de heeren Petter en Oudegeest en niet meer in van
het
middel.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's