Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Nabij God te zijn - pagina 232

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nabij God te zijn - pagina 232

2 minuten leestijd

224

EN AANBADEN HEM, DIE LEEFT IN ALLE EEUWIGHEID.

De

Gods

kennisse

ligt in de

aanbidding, veel meer dan

in het bidden.

Wie en

denkt allereerst op eigen nood en behoefte

iets afbidt,

verlegenheid, en verdiept zich in het

om

is

dan dat

verder,

niet

geet

hem

nood

in zijn

Daarentegen,

Hem

bij

te

Wezen

hulp te komen.

wie aanbidt, verliest zich in

om

zich-zelf,

Gods

zijns

de macht en de mogendheid

aan

alleen

zijn

God

te

God, ver-

zijn

denken, zich te

laten bestralen door den luister zijner deugden, en de reflex uit

eigen

zijn

te

ziel

doen kaatsen van de grootheid

Gods, die zich afspiegelt in

Eerst

we op

zullen

met

het

als

der

Rijk

zijns

ontroerde en verwonderde

Heerlijkheid

ziel.

zal zijn ingegaan,

de nieuwe aarde en onder den nieuwen hemel

Gods

al

nood nog

zijn

engelen

gedurig

niet

anders doen.

Thans dringt de

Maar

het bidden naar de lippen.

wee hem, wee haar,

toch,

die niet hier reeds iets van dat eigenlijk

leven kent, dat in de aanbidding zalig

is.

Het danken zij u hier leerschool. Onze Gereformeerde belijdenis stelt heel "t leven van Gods kind in het teeken der dankbaarheid, en danken is van alle aanbidding het begin en de voortgang.

Wie

o,

zonde voor

zou

maar

;

dagelijks

Golgotha

op

de

niet

bidden

om

vergeving zijner

dankzegging

schriklijk is het toch, als de vurige

verworven

vergeving

ontbreekt

of

althans onze ziel niet vervult.

En

zoo

is

het met heel ons leven.

Telkens weer nood en behoefte, en de drang der uit de diepte tot

Maar tevens

is

er

God

een

ooit

oorzaak zy,

te

om

is

nog

voor verworven genade,

niet

om

zij.

oogenblik des gebeds, dat er niet

Hem

ons schonk, den dank en de eere toe te brengen

Danken

ziel,

roepen of Hij ons genadig

de

volle aanbidding.

die ze

?

Danken

is

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's

Nabij God te zijn - pagina 232

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 368 Pagina's