Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 48

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 48

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1901

46

— 1902.

Ik kom nu meer tot de zaken, die in deze discussie een onderwerp van debat tusschen Kamer en Ministers hebben uitgemaakt, en dan meen ik te moeten zeggen, dat inderdaad de vraag, of de politiek met het geloof in verband staat, ja dan neen, de draad is geweest, die door de geheele discussie heenliep. Dat nu inderdaad alle politiek beheerscht

wordt door geloof of ongeloof, is de groote waarheid, de groote gedie reeds door Goethe uitgedrukt is in deze woorden „Das

dachte,

:

und

eigentliche, einzige

Thema

tiefste

der Welt- und Menschengeschichte^

dem

alle übrige untergeordnet sind, bleibt das Conflict des Glaubens und des Unglaubens." Dat deze tegenstelling zich laat resumeeren in de tegenstelling van Rede en Openbaring, geef ik aan den geachten afgevaardigde uit Emmen volkomen toe. Alzoo is die tegenstelling dan ook opgevat door den vorigen Minister van Justitie, door het gewezen kamerlid Van Houten, door mr. Groen van Prinsterer, ja, ik moet haast zeggen door ieder in ons land, die zich over dit onderwerp heeft

uitgelaten.

de

Indien echter

geachte

kon, eene wigge

hij

Protestanten hier

dood

afgevaardigde

uit

Emmen, om, wanneer

drijven tusschen de Roomsch-Katholieke Staats-

de anti-revolutionaire, ons hier komt zeggen, dat volgens de

en

partij

te

en

tot

Rede

lande de

te

meer nut

niets

Antwoord dienaangaande maar schade leed,

is

is,

allerminst naar luid onzer Confessie

en dat hetgeen

gezegd,

nl.

dat

die

in

de

Memorie van

rede door de zonde

was een overloopen naar de dogmatiek der Roomsch-katholieken, dan moet ik, zonder in tegenspraak alleen

te

komen met wat zou

Ik

ik

daar straks zeide, daar toch even op antwoorden.

ook gaarne op

vermijden

als

het

feitelijk

niet

dit

gold

geachte afgevaardigde, doordat in

de Nederlandsch

punt het theologisch debat hebben willen

een hij

historisch

feit

en wanneer

niet

de

de bediening heeft bekleed van leeraar

Hervormde kerk,

licht

bij

onderscheidene heeren

den indruk kon hebben gemaakt van te zijn iemand, die het wel weten kan. Ik heb toch verbaasd gestaan, hoe het mogelijk is, dat iemand jarenlang de bediening heeft vervuld van leeraar in zijn Kerk en van de belijdenisschriften die Kerk zoo slecht op de hoogte is. hier

De zaak is deze. De geachte afgevaardigde heeft uit de Canones van de Nederlandsch Hervormde Kerk wel de bedoelde woorden voorgelezen en die staan er ook, maar hij heeft drie worden overgeslagen en die maken juist, dat de zaak in een geheel ander licht komt te staan;

het

Luthersche niet

eene

Er is eene woorden: de zaligmakende kennis. voorstelling van deze zaak en eene Hervormde; ik zeg Gereformeerde, maar eene Hervormde, omdat wij te doen zijn

de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 48

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's