Parlementaire redevoeringen - pagina 369
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
STAKINGSWETTEN.
voordoen,
gevaren
als ons nu dreigen zich niet zouden maar de weg werd geopend voor ontwikkeling der
waarin
ingetreden,
zijn
indien
367
vakvereenigingen en voor eene verdere regeling van hetgeen thans in de arbeiderswereld verkeerdelijk nog ongeregeld bleef. Ik mag echter aan den geachten afgevaardigde de verzekering geven, dat de door
hem
ook aan de Regeering niet vreemd de ernstige weken, die wij in Februari j.1.
daarbij ontwikkelde gedachten
en dat
gebleven,
zijn
hebben doorleefd, wat
had,
zij
in
—
wat
wel en
de Regeering voor zich
toen zij
niet
moest doen
—
,
zelf
te
beslissen
de vraag of die weg
van apaisement kon bewandeld worden en of de Regeering, dien bewandelend, zich als Regeering verantwoord mocht achten, niet slechts eene enkele maal, maar keer op keer, van alle zijden gewikt en gewogen is geworden. Maar de Regeering is, op afdoende gronden, tot de overtuiging gekomen, dat het niet anders kon, niet anders mocht.
Er is voorts door den heer Drucker een enkel détail besproken, dat even wil aanstippen. Naar aanleiding van het eerste artikel der Strafwetnovelle wees hij op de moeilijkheid om een grens te trekken
ik
tusschen het geoorloofde en niet-geoorloofde arbeiders willen,
hun
om
de pogingen van stakende
anderen, die nog niet staken of in het geheel niet staken
daartoe toch over
Hij
halen.
te
wel geen grove, maar toch
zijde
bij
wees er
fijne
op, dat patroons van
middelen aanwenden en door
onderlinge coalitie de belangen der arbeiders soms benadeelen. Ik mag mij niet ontveinzen, dat die opmerking van den geachten spreker mij
bevreemd heeft, omdat zij m. i. twee heterogene begrippen verwart. Dat ook arbeiders dikwijls wel degelijk op fijne wijze, volstrekt niet alleen op grove manier, hun mede-arbeiders weten te beheerschen, zal ook hem wel bekend zijn. Het verschil zit dus niet hierin, dat de patroon fijne en de arbeider grove middelen gebruikt, maar daarin, dat de Strafwet niet optreedt tegen fijne middelen, hetzij komende van de van patroon of van werkman, maar dat zij gericht is tegen risme, tegen een stelsel van intimidatie, dat wordt uitgeoefend. zijde
Met leedwezen heb twijfelen
mij
aan
het
afgevraagd:
waartegen
dit
ontwaard,
ik
juichen
artikel
dat
die
zich
leden
keert,
die wellicht aan te
toe;
keuren
moedigen? Maar
dat
zij
der
te
middelen, door
die
misschien
goed
kan natuurlijk
Drucker niet in de bedoeling liggen en in dien zin ook met geen woord uitgelaten. Doch wanneer men wijze andere leden
schijnen
Dat hoorende, heb ik
misschien die intimidatie-manieren,
werklieden toegepast op andere arbeiders, zij
sommige leden
van zulk terrorisme.
bestaan
terro-
heeft
;
bij hij
nagaat,
Kamer hebben gesproken over
wenschen den heer zich dan
op welke
dat terrorisme.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's