Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 164
Eerste deel. Inleidend deel.
Afd.
156
gemoet
te
2.
komen, wierd
te
weer op den voorgrond van
het
van
dit
ANDREAS HYPERIUS.
Hfst. III. § 67.
den ge wijzigden
in
de theoloog
titel
maar zonder dat
geplaatst,
het karakter
werk deswege verandering onderging. De vier deelen werk zijn ongelijk van grootte. Het eerste
uitgebreide
boek, waarin de propaedeiitischc studiën besproken worden, loopt
van
p.
1
f
— 71;
het tweede boek, dat van de Bibliologische studiën
van
handelt, strekt zich uit
71
p.
— 393;
het derde boek, waarin
—
de Dogmatische vakken aan de orde komen, beslaat
p. 394 527 aan de Ecclesiologische vakken, Kerk-
terwijl het laatste boek, dat
en Kerkrecht, gewijd
historie, Patristiek
doorloopt.
(Genomen naar de
op het ambt betrekking hebben,
men de
elkaar navertelt, vergeten,
boek IV
1556.)
maar komen bij
de gubernatio
bij
van daar
is,
De
door Hyperius
zijn
voor een ander deel
dialectica,
ten slotte in
van
editie
;
tot p.
717
vakken, die niet,
gelijk
ter sprake deels bij
de cxegesis ecclesiae.
popitlaris,
en
Althans naar de
bedoeling vormt deze Enc)^clopaedie dus een welgesloten organisch geheel. Eerst wordt de verhouding aangewezen, waarin de profane
wetenschappen wordt aan
de
tot
de Heilige Schriftuur
(Bibliologica). In het
Daarna
geordend (Dogmatica).
En
in
waarheid bespied, gelijk ze
in
derde deel wordt de
die ons uit dit principium toevloeit,
Gods,
kennise
Theologie staan (Propaedeutica).
Theologie haar eigen principium aangewezen
de
systematisch
het vierde boek wordt deze abstracte
feitelijk in
het leven en de inrichting"
der Kerk haar belichaming zocht (Ecclesiologische vakken).
men nu
Onderzoekt
in
allereerst,
Hyperius de studia profana en sacra
beschouwt
lichaam en
als
ex
his,
beide
ze
hij
ziel
als
38).
cum nolint
sint
si
elkander stonden, dan
iusta
anteponendam cuicunque
intervallo
zou het nephas
eximia Dei
oportet,
voor
tegenover elkander gesteld. „Conficitur sane
Theologiam tanto
Wel
tot
verhouding
„eximia Dei dona", maar ongeveer
studiorum generi, quanto anima (p.
welke
alii
corpori rebusque fortuitis praestat"
zijn,
„disciplinas ullas contemnere,
dona; sed concedant tarnen omnes, velint trutina
Ratum
illae
examinentur, alteram
alteri
quantum divina praestant humanis, coelestia terrenis, tantum Theologiam reliquis disciplinis esse anteponendam. Etenim doctrina libris
praeponderare.
.
.
igitur
in
primis
esse debet,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's