Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 314

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 314

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

306

2.

Untersuchungen gemacht werden kann"

Vernunft bei solchen 20,

p.

(I.

neemt

21).

aan wat Kant

Zelfs

de

„statutarische Religion" noemt, ont-

gewijd karakter, en

hij alle

behoort,

hij

NÖSSELT.

Hfst. III. § 95.

ziet

in

de confessioneele Kerk, waartoe

slechts die „Gesellschaft, zu der

hij

man

sich,

nach vorhergegangener Ueberzeugun g, dass sie unter allen andern

am

der Vernunft und heiligen Schrift (I.

23,

p.

De

24).

ook de philosophie

staat

Wolffiaanschen

in

nachsten komme, bekennt"

rede gaat dus voorop, en dienovereenkomstig bij

geest,

hem bovenaan, en wel

hoewel

in

hij

meer onder den invloed van Kant gekomen cf.

XXIII). Niet alleen toch, dat

p.

Theologie kent

hij

allervollkommenste Geist, den wir mit 205).

p.

Gott of de rationalc

Anziehendes hatte

... als der

dem Namen Gottes bezeichnen" ziel, om aan het bestaan Gods

Door de behoefte der gewordener Vernunft, Gründe

te gelooven, „und, bei reifer

allengs

is

Namen

der

auf-

Wesen vorhanden man mit dem

zusuchen, sich zu überzeugen, dass ein solches sei",

XX

een eerste plaats toe: „Unter allen Geisternist doch

keines, dessen Erkenntniss so viel

(I.

Vorrede p.

is (I.

de philosophische moraal

hij

maar aan de Metaphysik von

zeer breed uitmeet,

aanvankelijk

de latere uitgaven veel

„die Wissenschaft entstanden, die

natürlichen

Vernunft-Theologie

oder

belegt,

sofern

aus der Natur, und nicht aus einer sogenannten nahern

sie bloss

Offenbarung der Gottheit selbst geschöpft wird"

Zoo hoog

deze Vernunft-Theologie, dat

stelt hij

zij,

(I.

p.

207).

volgens hem,

over de betrouwbaarheid dezer bijzondere openbaring te oordeelen

„Wer

heeft: .

.

.

also die natürliche Erkenntniss Gottes heruntersetzt,

der untergrabt

beraubt

oder

.

sich,

.

.

selbst die Zuverlassigkeit der Offenbarung,

wenigstens

von

heit

wo

da,

etwas eine göttliche Offenbarung

sei

der Erkenntniss Gottes"

.

(I.

Godskennis wordt vooral rechtstreeks natuur geput.

maken:

natuur

sichtbare,

Gott ist"

(I.

Daarom moet

zu p.

jedem

erkennen,

Augen

die

man

es

zweifelhaft wird, ob

der so nöthigen Gewiss-

.

p.

Deze natuurlijke

208).

uit

elk prediker

„Also studiere

vor

.

de aanschouwing der

dan ook studie van de

mit allem Fleiss auch die

liegende Natur

.

.

.

weil diese Art,

gemeinfasslichste (und) gemeinnützigste

214), en meer nog dan de speculatieve Theologia rationalis

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 314

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's