Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 527

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 527

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

De oppositie van den heer Staalman. De

digde:

ook,

uw

ga

hebben vroeger voor hun scholen geld uit de Staatsnu zijn wij in de meerderheid, en daarom doe dat nu gang maar. Ook die uiting heeft op mij niet den indruk

liberalen

genomen

kas

525

gemaakt van

;

:

zijn in anti-revolutionairen geest.

te

Er sprak

uit

een plomp

partij-egoïsme, dat elke partij onteeren zou, die zoo sprak. Ik zeg niet, dat

ook van

anti-revolutionaire of Roomsch-Katholieke zijde te

liberale,

dien opzichte niet op de eene of andere wijze geldelijk voordeel beoogd

kan worden, maar toch is men zelfs van de meest radicale zijde links nimmer zoo ver gegaan, hier in de Kamer uit te roepen: het geld is er en wij zijn nu de baas, neem het dus nu ook maar. Daar zou men zich voor geschaamd hebben. En ik vind er inderdaad iets bedroevends

in,

dat juist een afgevaardigde, die zegt hier voor de Chris-

beginselen

telijke

komen

te

houding aanneemt,

tot

en die hier eene mystiek geestelijke

strijden

zulk een plomp partij-egoïsme vervallen

Dezelfde afgevaardigde heeft aan het

maar

toe,

laat

snelvuurgeschut

Zwaag

het

een

in

zijn

debat

driemaal

De Kamer

!

met

zal zich

niet

meen

ik

is.

viermaal

tot

uitgeroepen: zeven millioen voor herinneren, dat de heer

Van der

vergadering het

men een van tweeën moet doen:

de defensie van het land bedacht daar doen wij

naaste familie in deze

zijn

eens duidelijk gezegd heeft, dat

slot

of zeggen:

zijn,

aan", maar dat, als

„dat

men eenmaal

[is

óf op

wanhopig,

zegt: wij

moeten

van oorlog verdedigen, het dan ook volkomenl'logisch Hij voegde erbij, dat aan is, dat men zorgt goed gewapend te zijn. Maar logica nu komt de geachte die niemand zich kan ontworstelen. afgevaardigde uit Den Helder met een tot viermaal toe herhaalden uitroep, dat uitgaven voor bewapening het toppunt van dwaasheid van ons land

dit

in geval

Kabinet

selen

Behoort echter ook

zijn.

de bestrijding

niet tot

de anti-revolutionaire begin-

van het internationaal cosmopolitisme en de aan-

kweeking van vaderlandsliefde? En mag ik dan vragen, of er vaderlandsliefde uit spreekt, wanneer men wetende, dat de partijen hier in de Kamer, met uitzondering van eene, alle overtuigd zijn, dat het

van

Godswege ons

ten

plicht

is

gesteld,

om,

als

wij

door een buiten-

worden aangevallen en onze onafhankelijkheid wordt hier komt met bedreigd, daarvoor te strijden met kloeken moed zulke uitdrukkingen? En wanneer dan die kleine Christenlieden, tot

landschen

vijand

wier tolk die afgevaardigde zich hier heeft opgeworpen, later wij,

wat

God

verhoede,

in

oorlog

eens op het

— kwamen

slagveld moesten

zij werden musschen doodgeschoten, zou hij dan meenen, dat hij tegenover de vaders en de moeders van die jongelieden zich kon verantwoorden?

optrekken met een slecht geweer en met slecht geschut, en als

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 527

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's