Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 322

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 322

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

314

2.

Hfst. III. § 97.

KLEUKER.

und Beglaubigungsgrund daher ein schriftlicJier" (I. p. nu leidt Kleuker af, dat de Theologie een onderzoek

4).

Hieruit

heeft in te

naar deze Schriftuur, naar haar inhoud en naar het gebruik

stellen

van dezen inhoud, behalve dat ze ook nog een geschiedenis heeft. Dienovereenkomstig deelt hij ze in: i. „Fundamental-Theologie" (de

H.

Schrift);

inhoud); 3

.

Theologie" (haar

„systematisch-elenchtische

.

„anwendende Theologie"; en 4

„historische Theolo-

.

Daar Kleuker, evenals Planck, de Apologetiek onder de

gie".

groep rekent, titel

2

is

Fundamental-Theologie

stellig

dan Exegetische Theologie. Daarentegen

buiten het kader geraakt en begaat

is

eerste

een beter gekozen

de Historie

bij

hem

dezelfde fout als Planck,

hij

om

de moraal van de „anwendende Theologie" af te scheiden. Prijselijk is het daarentegen, dat hij veel strenger dan Planck aan het Christelijk karakter der Theologie vasthoudt, en

deswege onder

de historische vakken ook geen „Religionsgeschichte" opneemt. Het Kerkrecht gunt hij onder den naam von „Ekklesiastik" een

anwendende Theologie (I. p. 63). Na aldus het plan van zijn werk in 68 bladzijden onder den „Theologische Wissenschaftskunde" te hebben uiteentitel van plaats onder de

gezet, gaat hij dan in zijn eigenlijke Encyclopaedie over tot de bespreking van deze afzonderlijke groepen en haar onderdeden, waarbij hij als uitgangspunt deze vijf stellingen kiest: i. de

mensch kan

hem

die

4. die

halve

niet

openbaren;

openbaring

zijn

is

3

.

God

religie;

2

.

God

alleen

kan

heeft zich daartoe geopenbaard;

opgeteekend

in

de H. Schriften

;

en

3

.

der-

deze H. Schriften „die eigenthümliche Erkenntnissquelle

der christlichen Rcligion" vindt

ware

buiten een

men dan

het

(I.

p. 70).

gewone

In zijn Fundamental-Theologie

Supranaturalistische bewijs.

De

be-

staande Christelijke religie kan haar oorsprong alleen hebben in een geschiedenis en leer, gelijk het O. en N. Testament ons die bieden.

Die geschiedenis en die leer bevelen zichzelve aan door eenvoud en majesteit. En de oorkonden, waaruit we deze leeren kennen, zijn

genoegzaam gewaarborgd door de canonische getuigenissen en haar inwendige axiopistie. Zekere inspiratie neemt dus ook Kleuker aan,

maar zonder deze nader

te

bepalen

van de vroegere inspiratietheorie.

;

alleen onder

Een verdienste

is

verwerping het daaren-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 322

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's