Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 480

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 480

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1903—1904.

478

geachte afgevaardigde vat

met

band

zóó

146

art.

144, eerste

art.

alsof in

op,

al

van de Grondwet in verwat niet valt onder

lid,

datgene,

vrij moet blijven om te handelen naar onderwerpen aan hoogere goedkeuring. Subsidiair meende hij, dat een uitweg hiervoor zou te vinden zijn geweest, indien in art. 195 van de Gemeentewet, waarin opgenoemd worden de zaken, die aan de goedkeuring van de Gedeputeerde Staten moeten worden onderworpen, ook dit was opgenomen. Het zij mij echter vergund, in de eerste plaats op te merken, dat de Gemeentewet, zooals

146, de raad der

art.

eigen

inzicht,

zonder

gemeente zich

te

van den geachten afgevaardigde niet bevestigt. 98, laatste lid, waar staat, dat in gemeenten onder goedkeuring van Gedeputeerde daar beneden, van 5000 zielen en Staten, de bediening van secretaris en ontvanger door denzelfden persoon kan worden bekleed, zoo de secretaris niet tevens burgemeester is. ze daar

ligt,

Ik wijs

bij

die opvatting

voorbeeld op

art.

Wij hebben hier dus een voorbeeld, dat in de tegenwoordige wet de goedkeuring van Gedeputeerde Staten als eisch wordt gesteld voor iets, dat niet voortvloeit uit art. 146. Immers eischt art. 146 de goedkeuring voor

die

dingen,

waarbij

eigendom,

burgerrechtelijke

handelingen of

komen. Wanneer hier de Gemeentewet dus zelf Gedeputeerde Staten vraagt voor de combinatie van de functie van secretaris en ontvanger, dan kan dat niet vallen onder art. 146. Hetzelfde vindt men in art. 109, waarin wordt bepaald, dat een borgtocht, onder goedkeuring van Gedeputeerde Staten, beneden h, kan worden gesteld. Men zou op zich zelf kunnen zeggen, dat dit een En dan is dat volkomen juist, maar dan zou geldelijk belang betreft. daaruit volgen, dat de borgtocht als zoodanig ook gesteld moest worden. geldelijke uitgaven te pas

goedkeuring van

de

'

Dit wordt intusschen niet gedaan.

evenzeer den eisch, dat besluiten van het gemeentebestuur aan de goedkeuringvan Gedeputeerde Staten onderworpen moeten worden. De Gemeentewet kent echter buiten art. 195 zeer wel andere Art.

195

bepalingen,

worpen

zijn.

stelt

die

aan

Op

de goedkeuring van Gedeputeerde Staten onderin, welke noodzakelijkheid er

dien grond zie ik niet

zou bestaan, deze bepaling dat

het bezwaar,

weegt,

te

wringen onder

ontleend aan

of in het stelsel van de

art.

art. 195.

Ik

meen dan ook,

146 der Grondwet, niet zoo zwaar

Gemeentewet

past de voorgestelde be-

paling zeer wel.

Wat de vraag betreft, of men niet aan den ontvanger gelijken waarborg op eene andere wijze kan geven, zoo zij daarop geantwoord, dat dit zeer zeker wel kan. Maar men zou toch, door eene zekere toelage te geven bij ongevraagd ontslag, eene premie stellen op de ondeugd. Immers zou

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 480

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's