Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 280

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 280

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

2 minuten leestijd

ZITTING 1902—1903.

278

denken, dat de gemeenten aangepord behoeven te worden; eer heb ik van die zijde een stormloop geducht om hulp te vragen in voorschotten en bijdragen. Waar de woningtoestanden zooveel te wenschen

komen,

te

overlaten, bestaat er vrees, dat niet alleen de finantiën van de gemeenten,

van het Rijk wel eens in gevaar gebracht zouden kunnen Minister van Binnenlandsche Zaken kan ik dus geen beloften afleggen of toezeggingen doen, die later zouden blijken, door den Minister van Finantiën niet te kunnen worden gehonoreerd. Daarom heb ik gemeend, den aanzwellenden stroom voorloopig te moeten keeren, ook met de bedoeling om in die gevallen, waarin kan en mag gehandeld

maar ook

die

Als

worden.

worden, naar rato van hetgeen het Rijk kan doen, krachtig te helpen. Maar, gelijk gezegd, de lezing van het Voorloopig Verslag en het dezen

morgen gesprokene hebben mij tot de overtuiging gebracht, dat door art. 20 niet aan den geest en de bedoeling van de wet, zooals zij tot stand gekomen is, geheel voldaan wordt. Zonder daarom nu te kunnen zeggen, welke wijzigingen van het besluit ik zal kunnen bevorderen, en mainteneerende, dat, ook waar ik trachten zal zulk eene wijziging te bevorderen, ik verplicht ben en blijf om met de hooge offers, die van het Rijk kunnen gevraagd worden, rekening te houden, geloof ik toch, dat inderdaad er toe zal moeten worden besloten ten deze niet aanstonds terug deinzen voor de zeer ernstige offers, die zullen worden gevorderd. Ik

behoef intusschen

niet te

zeggen, dat,

als

een

Kabinet optreedt

met een werkplan, hetwelk, gelijk de heer Goeman Borgesius ons nog onlangs zeide, op zich zelf reeds veel kosten zal, en als daarbij nog telkens incidenten komen, die ook groote offers van de Rijksfinantiën zullen vragen, men hiermede ter dege rekening moet houden. Handelingen, blz. 539 541.

Mijnheer

Niet genoeg kan ik de geachte leden, die

de Voorzitter!

woord hebben gevoerd, dank zeggen, dat zij de opmerkzaamheid ook in de openbare zitting op de gewichtige materie van het krankzinnigenwezen hebben gevestigd. Niets is de Regeering welkomer dan steun uit den boezem van de Staten-Generaal, om het kwaad, dat

het

nog

in

keeren. Zij

huis,

menig

opzicht

De Regeering

kan, die

wat daar

betreft niet

in

het

staat

krankzinnigenwezen

het zenden

mocht

schuilt,

te

helpen

tegen een goed deel daarvan machteloos.

zijn,

van iemand naar een krankzinnigenzich zelf niets doen, omdat dit per

op

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 280

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's