Parlementaire redevoeringen - pagina 244
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
ZITTING 1902—1903.
242
—
^as
en ook heeft
om
niet spreekt
hij,
bedenkende, dat men, van deze tafel sprekende, over het een of ander, maar
zijne opinie te ventileeren
—
namens de Regeering
niet
kunnen
betwisten, dat de Regeering op het
De Regeering erkent oogenblik geen verdere toezeggingen geven kon. volmondig, dat hier en daar in het gemeente-huishouden toestanden die op de eene of andere wijze voorziening eischen. moet zich ook de vraag stellen, of de finantieele nood der gemeenten ontstaan is door gebrek aan de noodige middelen of wel door minder zuinig beheer. Dat de Regeering het recht had, in de Memorie van Antwoord ook dat element op te nemen, berust bijv. op dit gegeven, dat voor het lager onderwijs per leerling, met inbegrip der bouwkosten, te Amsterdam uitgegeven wordt f 49, terwijl daarentegen Berlijn, waar de levensstandaard zeker niet zooveel goedkooper
ontstaan,
zijn
Maar
zij
36 noodig heeft, dus eene aanmerkelijke som In München, ongeveer gelijk, wat de bevolking betreft, aan minder. Amsterdam, bedraagt de som per hoofd slechts f 30. In Düsseldorf, eene stad van welker bloei bij gelegenheid van de daar gehouden tentoonstelling zich vele Nederlanders hebben kunnen overtuigen, is dit
zal zijn,
cijfer
daarvoor slechts
slechts
onderwijs
te
f
zeg niet a priori, dat
Ik
22.
veel
f
uitgegeven wordt,
nog meer uitgegeven worden is
—
het toch plicht, te vragen, of
—
in
Amsterdam voor
het
misschien moet daarvoor zelfs
maar met die gegevens voor oogen Amsterdam er niet eene te weelderige ,
huishouding op na houdt. In
men
de tweede plaats heeft de Regeering zich de vraag te stellen, of de Nederlandsche steden niet meer en meer overgaat tot het
in
voeren van eene zeer dure huishouding. Ik heb ook herinnerd aan Parijs, omdat het in zijn uitgaven bijna gelijk staat met ons land. Maar men vergete
daarbij
octrooien;
het
dat
niet,
nog
daar
bestaat
altijd
wat wij afkeuren: de
bedraagt alleen voor Parijs 157 millioen francs,
octrooi
Daarbij helft van het bedrag van den inbreng. goed deel van het octrooi-geld betaald wordt door de vreemdelingen en dat dus eene groote uitgaaf door dat enorm sterk vreemdelingenbezoek vergoed wordt. Maar wie het hotelwezen te „a
peu prés" dus de
komt,
dat
een
Amsterdam nagaat en kennis neemt van
het aantal vreemdelingen, dat
daar komt, gevoelt zich teleurgesteld, vooral waar de doortrek van deze vogels
toeneemt
slechts
om
Men
en
zij
maar korten
de musea en de stad
behoeft zich slechts aan
te
te
tijd
zien,
op
til
blijven, in
den regel
en dan vertrekken.
schaffen het
werk van Adolf Damaschke,
Aufgaben der Gemeinde- Politik om zich er van te overtuigen, hoe men in Duitschland gewoon is, breede gemeente-programmata op te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's