Parlementaire redevoeringen - pagina 581
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
Herbenoemingen van oude burgemeesters. men,
verkeert als
bij
de herbenoeming van reeds bejaarde burgemeesters,
De
Minister dikwijls in een zeer moeilijk geval.
circulaire
ligt
daarin,
—
periode
—
hij
is
dan ook weder be-
die zulk een respectabelen leeftijd had, dat
,
de
bij
kwam.
negentig
men, wanneer men
aanleiding tot die
onlangs weder herbenoeming voor zes jaren
dat
werd gevraagd door een burgemeester,
noemd
579
En
het
komt
mij
hij
in
toch
de nieuwe voor,
dat
doen heeft met personen van die hooge jaren, zich dient af te vragen, en in dat opzicht is de opmerking van den heer Schaper niet zoo geheel onschuldig of in de moeilijke omstante
—
—
digheden,
die
zich
man
doen, zulk een oude
noodig
om
,
de handhaving van orde en rust voorde vlugheid en physieke kracht bezit, welke
dikwijls
dan goed op
bij
treden.
Daarom heb
ik dien burgemeester want men heeft van die Enakskinderen, die op zulk een hoogen leeftijd nog erg flink zijn. Toen ik hem bij mij kreeg, merkte ik uit zijn seniele sporen, zijn druk praten, het niet kunnen beheerschen van zijn spraak en zijn bewegingen, bij
dat
is
mij
laten
hij
niet
verkeerde.
komen
;
ik
te
wilde
hem
zelf zien,
meer in den gewonen, normalen mannelijken toestand Om nu te weten, of ik hem weder kon voordragen
—
voor eene benoeming, heb ik het noodig geacht, en ik zie niet wat voor verkeerds daarin lag dat een paar geneesheeren, een gewone geneesheer en een psychiater, mij over den physieken en psychischen toestand van dien candidaat inlichtten. Die geneesheeren hebben in hun rapport geheel bevestigd de opvatting, die ik dadelijk van zijn persoon gekregen had, dat wel degelijk sporen van seniele aftakeling waren waar te nemen zij vonden echter zijn physiek zoo sterk, dat zij het niet onmogelijk achtten, dat hij nog eenigen tijd meeging, maar zij voegden er bij, dat ik er op rekenen moest, dat plotseling eene zoo sterke inzinking kon komen, dat het niet meer gaan zou. Toen heb ik dit tot den betrokkene gezegd: „Laat ons afspreken, dat ik mij zelf het recht voorbehoud, om u het volgende jaar nog eens aan een medisch onderzoek te doen onderwerpen en dan moet gij als burgemeester mij dat niet euvel duiden, want alleen zoo wil ik u aanvankelijk
—
in,
,
;
benoeming voordragen". Ik zeg dit, om aan te toonen, dat was om mij van dien ouden man te ontslaan. en hiermede kom ik tot het De betrekking van burgemeester is langzamerhand van besproken punt, dat de heer Passtoors heeft Het was vroeger een eereambt en toen kwamen karakter veranderd. alleen in aanmerking de zoodanigen, die genoeg middelen van bestaan hadden en bij wie aan gebrek niet kon gedacht worden. Daarom heeft
wel weder
ter
het mij niet te doen
—
—
men ook
nooit van pensioneering van de burgemeesters gesproken.
Nu
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's