Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 330

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 330

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

322

2.

Dogmatiek

schappelijke

STaUDLIN.

Hfst. III. § 99.

Men kan van geen

of Moraal te leveren.

vaste principiën uitgaan. „Die formale Principien der theoretischen

und praktischen Christumslehre zugleich"

naturalistisch

En

160).

(p.

sind rationalistisch

En

schaadt

dit

niet,

und super want „der

Supernaturalismus sind sich nicht entgegen-

und

Rationalismus

(sic)

„Die natürliche und übernatürliche Offenwahr seyn, einander bestatigen und zugleich können barung gesetzt".

kraftigen"

(p. 161).

belet dit Staudlin niet, het zwaartepunt van het Christen-

Toch

dom

voorts:

Dogmatiek en Moraal

in

„Hier

zegt:

ist

te

zoeken; waarom

gischen Kenntnisse, hier tragen sie ihre Früchte"

Pastoraal theologie betreft, zoo

zijn

van beide

(p. 169).

Staudlin's

Theologie*' daarentegen mist elk eigen karakter.

„historische

wat

hij

für (den Theologe) der Mittelpunct aller theolo-

is

En

de poging lofwaardig,

voor den reeds gangbaren naam van practische of pragma-

om

tische Theologie een zuiverder

vorm van uitdrukking

te kiezen

;

ook „Pastoraal theologie" onbruikbaar, daar het een der coördinata tot genus verheft. Immers onder deze groep be-

maar toch handelt

is

Pastoraal, Homiletiek, Catechetiek, Liturgiek en Eccle-

hij

siastiek,

en ontspringt den dans slechts in schijn, door de Pasto-

raal als

„Lehre von der Seelsorge"

te betitelen (p.

383). Bij zijn

Kerkrecht klinkt het verrassend, te hooren, dat het „seine Quelle in

der

heil. Schrift

hat"

(p.

384);

doch

al te veel

hechte

men

hier

Al spoedig toch vernemen we, dat er ook „ein Kirchenrecht der Vernunft und Natur" bestaat, en dat dit „jedem Kirchenrechte zum Grunde zu liegen verdient"; en voorts dat de eigenlijke inhoud van het Kerkrecht niet bij de Theologie, maar

dan ook

niet aan.

de Jurisprudenüa thuis hoort

bij

Het bankroet der Theologie, dat achter bleef, in

haar

had

een

zijn

hart,

bij

Clarisse en Bertholdt

nog

geleerde uiteenzetting der propaedeutica verscholen

een is

386).

(p.

bij

Staudlin,

naaktheid

oogenblik toen

hij

dio haar zonder

ton

een

toon

stelt,

verbloeming schematisch

dan ook onmiskenbaar.

Hij

heimwee naar een betere Theologie

schreef:

„Gewiss

ist,

in

dass die Religion unter

d^n Menschen gar nicht bloss von dem, was

man

in

den Schulen

Vernunft nennt, sondern auch von andern Kraften und Anlagen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 330

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's