Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Parlementaire redevoeringen - pagina 471

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Parlementaire redevoeringen - pagina 471

Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.

3 minuten leestijd

DE EEDSQUAESTIE.

469

in de Gemeentewet geregeld was en men bracht er verdan zou dat zeker wijziging zijn van het status quo. Maar ten aanzien van de ambtenaren van den burgerlijken stand geldt het de

reeds

Stand

andering

in,

van een nieuwen, tot dusverre niet bestaanden eed. Dat heeft quo niets te maken. Het is hier eene nieuwe zaak. En de Regeering wenscht, waar het eene nieuwe zaak geldt en waar een nieuw voorstel wordt gedaan, zich aan te sluiten aan de wijze van handelen, die in den laatsten tijd in de kringen van Regeering en Staten-Generaal usance is geweest, en den facultatieven eed voor te stellen. Te meer, waar de ambtenaren van den burgerlijken stand tot dusverre gekozen instelling

met het

status

werden

uit

voor wie de facultatieve eed

de raadsleden,

men voor ambtenaren van den dan

invoeren,

zou

het

Ging

geldt.

burgerlijken stand den obligatoiren eed

zonderlinge

feit

kunnen voordoen,

zich

verscheidene raadsleden, die wel raadsleden kunnen

dat

zijn bij het afleggen

van eene belofte, geen ambtenaar van den burgerlijken stand zouden kunnen zijn, op grond van hun bezwaar om den eed af te leggen. Thans kom ik tot de besprekingen over hetgeen, hetzij op Christelijk, hetzij op atheïstisch standpunt, in zake den eed moet worden gedaan. Evenwel stel ik al dadelijk op den voorgrond, dat ik er niet aan denk, die

besprekingen

geachten

te

rescontreeren.

afgevaardigde,

den heer

Ook

breede betoog van den

het

De Savornin Lohman, moet

dat gedeelte betreft, geheel laten rusten.

Ging

ik

daar op

in,

ik,

wat

dan zou

ik

ook het gegrond zijn getuigenis van den Christus. daarvan op de Heilige Schrift; ook het Ik kan mijnerzijds alleen verklaren, dat ik de meening van dien geSlechts in één opzicht achten afgevaardigde niet kan onderschrijven. de geheele quaestie van den eed moeten behandelen

wil ik dit aanduiden,

om

aan

Door

dien geachten spreker

geest

van

den

eed

te is

toonen, dat ik

absoluten

dit niet

zeg zonder grond.

het voorgesteld, alsof alleen dan in den

Christus gehandeld werd, wanneer in dien

;

men

de afschaffing van

door dien afgevaardigde is stellen, dat zeer zeker door

zin bepleitte, als

wensch daartegenover te den Christus dat woord gesproken is, maar dat door dienzelfden En het ligt in den aard der Christus in rechten de eed gezworen is. het zweren van den door de overheid zaak, dat uit zulk eene daad de kennis van de bedoeling van den Heere gevorderden eed meer met zekerheid te putten is dan uit een door Hem gesproken woord, dat niet door alle eeuwen heen in dezelfde beteekenis werd Meer kan mijnerzijds daarvan niet gezegd worden, omdat ik opgevat. Ik

geschied.

mij niet

Wat

mag begeven in wat daarover gesproken werd. amendement aangaat, zoo zal, wordt het aangenomen, de

het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's

Parlementaire redevoeringen - pagina 471

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's