Parlementaire redevoeringen - pagina 363
Deel II. Ministrieele redevoeringen. Tweede Kamer.
INTERPELLATIÈN-MEES EN TROELSTRA. dwingen", en vraag baar
ik,
of
dwingen
ooit
361
anders dan met geweld denk-
is.
Voorts verklaar heeft
gezegd,
dat,
ik,
dat,
indien
arbeiders geen geweld zal willen
weten,
Het spreekt
hoe
de
wanneer waar
is,
wat de geachte afgevaardigde
het tot eene staking komt, van de zijde der
worden gebezigd,
Regeering alsdan
ik van hem wel eens zou geweld zou kunnen bezigen.
indien zijn profetie wordt vervuld, daaraan kan worden vastgeknoopt, dat de Regeering deze profetie onmiddellijk dan ook geen geweld zal gebruiken. Waar ik ten slotte nogmaals op wijzen moet, als voor de omstandigheden, waaronder wij verkeeren, van blijvende beteekenis, is de tegenstrijdigheid in de rede van den heer Troelstra. Aan den éénen kant blijft bij ons voorhouden: doet toch alles om af te wenden de ernstige gevaren, die ons dreigen als eene algemeene staking komt. En in dezelfde redevoering heeft diezelfde spreker kunnen en durven beweren, dat hij tot het bereiken van een politiek doel zou helpen en steunen het aanwenden van diezelfde middelen, welker toepassing dan dezelfde ontzettende gevaren voor land en volk zoude ten gevolge hebben. Handelingen, blz. 975. vanzelf,
dat,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908
Abraham Kuyper Collection | 686 Pagina's