Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 246

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 246

Eerste deel. Inleidend deel.

2 minuten leestijd

Afd.

238

Ouaenam

sunt?

§81. SAMUEL MURSINNA.

Hfst. III.

2.

origo punctorum

sit

versionum antiquiorum

.

lectionum variantium et

.

.

.

autoritas?

.? Ouaenam sit codicum et Quinam alii sint fontes harum

quomodo de

textum emendare

coniecturis interdum

Harmonistiek rekent

hij

.

illis

iudicandum?

sit

liceat?" etc.

onder de Critica

31

(p.

333); terwijl

(p.

Au

ex

Ook de

8).

elk

hij bij

der onderdeden de ratio geheel over de H. Schrift laat heerschen. In

zijn

Theologia exegetica wordt „sensus

doordien slechts één

dit

waarschuwing wordt

toegelaten, en de

proces dan voortgezet,

litteralis sive

grammaticus" wordt

ingelascht, dat onze „per-

suasio de divina Scripturae sacrae origine" ons niet beletten

desnoods door conjecturaalcritiek den

accommodatie aan de aan

nemen

te

te

en

verbeteren,

heerschende begrippen bij de schrijvers

eertijds

338).

(p.

tekst

mag,

Hij laat

dat „sanae rationi contrarium

dan ook

sit",

al

in

geeft

de exegese niets

toe,

dat „quaedam

hij toe,

captum nostrum superare possunt, quae mysteria dicuntur" (p. 339). Het lag in den aard der zaak, dat de H. Schrift, dervvijs onder -

het oordeel der rede gesteld, voor Mursinna geen principium unicum

ïheologiae meer

zijn

Dogmatiek opvat

als

de Deo rebusque cognosci possunt"

we dan

kon, en zoo vinden

een „scientia partis theoreticae

divinis,

352).

(p.

tam ex

De H.

.

.

.

quam ex

ratione,

Schrift

ook, dat

wordt dus

hij

de

eorum, quae revelatione, niet

eenmaal

genoemd, maar verwaterd in het vage begrip „revelatio", en de ratio gaat als bron van onze kennis voorop. In § CCCCin hoopt dan ook op verrijking van de Dogmatiek „quo plura extra dubium posita e philosophicis disciplinis, quae circa Dei et religionis

hij

cognitionem versantur, deducere poterimus"

Ethiek geldt ,.tam

e

hem de

regel, dat

litteris sacris,

quam ex strekt bij

Mursinna vooral, libri

om

(p.

Sociniani,

stranten

voor de

364).

De

Symboliek

het gezag der Symbolen zóó te be-

symbolici libertatem sentiendi de rebus hdei, quic-

quid nobis rectum videtur, sine causa minuant" Polemiek

Ook

quae multum continent praecepta moralia,

Ethica philosophica petenda sunt"

perken, „ne

(p. 359).

de principia der Christelijke moraal

(p.

371); terwijl de

met de Romano-Catholici, Graeci, en Fanatici Enthusiastae (p. 376), maar niet met Remon-

wel en

geoorloofd

Lutheranen.

is

„Discidia

Reformatorum ac Remonstrantium

Protestantium facile

componi

inter

se

potuissent,

et si

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's

Encyclipaedie der Heilige Godgeleerdheid - pagina 246

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1908

Abraham Kuyper Collection | 556 Pagina's