Een midden-eeuwer in onze dagen - pagina 46
dingen
nog stammende, zoo wordt gezegd,
geschreven,
van
Dohm, dat voor de Joden eene exceptie Hun wordt bizondere haatdragendheid toe-
Intusschen weet
is.
opgeworpen.
wordt
Christendom
het
en
in het
uit het
ontstaan
bizonder
is van oudsher, onder den Joden gebrek aan goede trouw en eerlijkheid, de meest reëele eigenschappen in het eenige bestaansmiddel, dat hun gelaten is, den handel, ten laste gelegd. Ook hoort men in alle plaatsen, waar men eene uitgebreide vermeerdering van het aantal Joden heeft gedoogd, het bezwaar, dat zij de hun toegestane
alle volken,
bedrijfstakken schier geheel tot zich trekken en den Christen niet
naast
laten
zich
deze
schadelijke
opkomen. Daarom blijven, zoo zegt men, voor menschen afzonderlijke beperkende bepalingen
noodig.
„Dwaal hetgeen
ik niet te zeer,
hier
volgt
zoo gaat
Dr.
zij
Dohm
voort (en de lezing van
Kuyper aangeboden
als
eene andere
oplossing dan de zijne van het Oost-Europeesche Joodsche probleem), ,,
dwaal
dat
niet te zeer
ik
men
,
dan wordt
in dit
betoog de fout begaan,
voor oorzaak aanziet wat veeleer gevolg
is
en dat
met het kwaad, door de totnutoe gevolgde verkeerde
men
politiek
voortgebracht,
die politiek zelve poogt te rechtvaardigen. Ik wil de mogelijkheid toegeven dat de Joden zedelijk de minderen zijn van andere volken, dat zij zich naar verhouding aan een grooter
overtredingen schuldig maken, dat hun karakter meer tot
aantal
woeker en
bedrog
vooroordeel
in
ik
moet
in den handel geneigd, en hun godsdienstig hoogere mate exclusief en onmaatschappelijk is, maar
er bij voegen, dat deze veronderstelde grootere verdorven-
heid der Joden een natuurlijk, een onvermijdelijk gevolg is van de gedrukte positie, waarin zij zich reeds sedert eeuwen bevinden.
Eene kalme en onpartijdige overweging bewering geen twijfel over.
De
moeilijke, onvrije
laat
aan de juistheid dezer
omstandigheden waaronder de Joden schier
allerwege leven, zouden eene nog veel grootere verdorvenheid dan
waarvan
men
waarheid hen beschuldigen kan, zooal dan toch verklaren. Het is natuurlijk dat door die omstandigheden de geest van den Jood, aan milde gedie,
niet
naar
rechtvaardigen,
voelens
ontwend,
in het lage
gewurm om
dagelijksche,
kommer-
verzinkt. De veelvormige soorten van verdrukking en minachting, die hij ondervindt, beletten de ontplooiing van zijn arbeidsvermogen en dooden zijn eergevoel. Hij wordt,
volle
schier
brood-winning
geen
enkel eerlijk onderhoudsmiddel tot zijne beschikking
42
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 76 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 76 Pagina's