Dat de genade particulier is - pagina 29
19
we dus de afzonderlijke behandeling van alle overige Terwijl dubieuse Schriftplaatsen tot het slot van deze artikelenreeks uitstellen, maak ik voor de woorden van 1 Joh. 2 2 en nog een tweetal andere een uitzondering; en wil nu reeds, zonder verwijl, mijn lezers rekenschap geven, waarom door uitspraken als de genoemde metterdaad niets over de leer der algemeene genade beslist wordt. :
En dan zij al aanstonds de eigenlijk reeds op zichzelf afdoende opmerking veroorloofd, dat de woorden, zooals men ze gemeenlijk opzegt, er in het oorspronkelijk schrijven van den apostel Johannes niet alzoo staan. Letterlijk namelijk schreef de apostel: „Mijne kinderkens, ik schrijf u deze dingen opdat gij niet zondigt; en indien iemand in zonde bevangen is, wij hebben een Voorspraak bij den Yader, Jezus Christus, den rechtvaardige. En deze is verzoening voor wat de zonden van ons aangaat, niet alleen voor die (in eigenlijken zin) de onze zijn, maar voor geheel de wereld!" Men merke hierbij op, dat ook onze Statenoverzetters niet hebben vertaald: „ook voor de zouden der geheele wereld," maar in het enkelvoud: „ook voor de zonde der geheele wereld", wat den zin reeds aanmerkelijk wijzigde; maar toch op verre na nog niet de grootte doet uitkomen van de fout door de drijvers der algemeene genade begaan, als die namelijk geheel over het hoofd hebben gezien dat de uitdrukking: „de zonden" vóór de woorden „der geheele wereld" er eenvoudig zijn ingevoegd en er in het Grieksch niet staan. Hun tweede fout die ze begingen ligt in het woordeke „voor" in de •
:
„voor onze zonde", voor de onze", „voor de zonde der geheele wereld", dat door hen is opgevat in den zin xan plaatsbekleed end lijden. Wat niet kan, en niet waar is, en er niet staat, daar er een voorzetsel gebezigd wordt dat alleen beteekent „voor zooveel aangaat de zonde", „met betrekking tot de zonde", „opzichtens de zonde", of welke andere vertaling men hier ook bezigen wil. Men heeft namelijk in het Grieksch om ons voorzetsel voor uit te drukken twee woordekens, het ééne vTiêQ {hyper) dat voor in den zin van in de plaats van beteekent, terwijl het andere nsql (peri) eenvoudig aanduidt: „passende op, in betrekking tot." Evenals wij b. v. zeggen zullen: „Dat is een goede pleister voor de wonde", zonder dat we daarbij ook maar van verre aan „plaatsbekleedend voor die wond" denken, en alleen bedoelen, dat die pleister op die wond past, goed is voor zooveel die wonde aangaat, zoo ook kan men zeggen: Jezus is een verzoener voor onze zonden of om aan te duiden: hij is plaatsbekleedend voor ons als zoenoffer gevallen, óf alleen: hij is een verzoening juist zooals wij die bij onze zonden van noode hadden. En overmits de apostel in de bestreden plaats nu niet het voorzetsel {;néq, „in de plaats van", maar negi, d. w. z. „voor zooveel aangaat.
uitdrukking
:
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's