Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 215

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 215

3 minuten leestijd

201 aclitelijk.

Het eenige wat

En dan komt

ze doen, is zich overgeven

aan den Heiligen

dan ontdooit dan koestert zich heel de ziel in den zaligen zonneschijn van Gods eeuwige liefde; en iets van die goddelijk schoone liefde weerkaatst zich dan uit het oog, door al uw doen, in het volle, vaak Geest.

die stroom der heiligheden vanzelf;

hart;

het

zoo smartelijke leven.

Want dan bedekt die zalige liefde alle ding, of wilt ge, ze maakt dat alles zich anders aan ons voordoet. De harde kleuren vallen weg en op alles komt een zachtere tint te rusten. Wat eerst hinderde, hindert dan niet meer. En diezelfde wolken daarboven, die eerst benauwend donker ons aandeden, zijn nu zoo prachtig schoon, nu de zou er doorheen glanst en er het benauwende van bedekt. zoo

De liefde in eens menschen ziel is een onbeschrijflijke weldadigheid Gods, waardoor Gods kind het aanstootende, het pijnlijke in de wereld voor zich ziet toegedekt, en het nu al beschenen ziet door stil en heiliglijk aandoende glansen. En wie zoo genieten mag, omdat Gods liefde alles voor hem toedekt, die wordt dan navolger Gods, en dekt ook zelf toe. Niet werkdat hij denkt „Zoo moet ik het mij nu inbeelden," neen, tuiglijk, maar vanzelf. Het is één liefde, de liefde Gods en de liefde die de Heilige Geest in onze ziel werkt, en zoo komt het dan, dat ook de :

is, en wat strijd scheen, in zalige harmonie is opgelost. dus weer strijd, weet dan wel, dat dit daaraan ligt, dat ge weer aan het werken zijt met nagemaakte, niet met de echte liefde, en dat al uw aaneenlijmen van twee onmogelijkheden u toch nooit gelukken zal. Dat maakt de kloof maar al wijder, den strijd heftiger en al kouder uw hart. Neen, wat ge dan te doen hebt, is weer te schuilen bij den Heiligen Geest, weer te smeeken innerlijk, of zijn zachte koestering u weer tot Hij dan de liefde weer uitstort in uw hart verwarmen mocht en het raadsel voor u ophoudt te bestaan. Zie, we hebben eenmaal, dat kan niet anders, veel, zeer veel op onze lieven, zoowel als op ons min genegen personen, aan te merken en nu is daarbij drieërlei mogelijk. Een eerste mogelijkheid is, dat ge dat verkeerde in anderen wel ziet, maar er van zwijgt. De tweede wijs van doen is, dat ge er niet van zwijgt, maar er over spreekt, edoch zoo dat ge wondt en afstoot en verbittert. Maar er is ook een derde gedraging, als ge het zegt en desnoods toornend zegt, maar toch het zoo weet te zeggen, dat het zijn werking heeft en zegent. Is dat laatste het hoogste niet? Maar ook is dat laatste denkbaar tenzij de Hiilige Geest in uw geest werke? Wie de liefde Gods van den Heiligen Geest ontving, die gaat o, zoo teeder te werk. Als zulk een iets tegen u heeft, dat u hard zou

werking

één

Merkt ge

;

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 215

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's