Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 179

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 179

3 minuten leestijd

:

:

169 „Wij kennen Hem door twee middelen. Ten eerste, door de scheponderhoudinge ende regeeringe der geheele werelt, overmits deselve voor onse oogen is als een schoon boeck, in welcke alle schepselen, groot ende kleyne, gelijk als letteren zijn, die ons de onsienlijcke dingen Gods geven te aenschouwen, namelyck, sijn eeuwige Mogentheyt ende Godtheyt, als d'Apostel Paulus segt, Rom. 1 20, welcke dingen alle genoegsaem zijn om de menschen te overtuygen ende haer alle onschult te benemen." En dan volgt: „Ten tweede geeft Hij hem selven ook noch klaerder ende volkomelycker te kennen, door sijn Heilig ende Goddelyck Woort." Evenzoo dacht Calvijn ^) „Wij stellen als buiten geschil, dat er eenig gevoel der Godheid in het menschelijk verstand zetelt en wel door een natuurlijke ingeving, dat God aan allen een zekere kennis van Zijn aanwezen bekend gemaakt heeft, waarvan Hij de gedachte gedurig vernieuwende, van tijd tot tijd nieuwe droppelen instort, zoowel opdat niemand met het voorwendsel der onwetendheid zich zou dekken, als opdat allen tot één toe zouden verstaan, dat er een God bestaat en dat Hij hun Schepper is." pinge,

:

En

elders:

„De Heere

heeft niet slechts in de gemoederen een zaad van godsdienst ingeplant, maar ook, opdat de toegang tot geluk voor niemand zijn, zich in geheel het samenstel der wereld zóó geopenen stelt zich dagelijks zóó duidelijk voor, dat men de oogen niet kan openen, of men wordt gedrongen Hem op te merken." Voetius spreekt in gelijken geest „Wij verzetten ons tegen een elk, die beweert, dat alleen uit de Schrift, en niet ook langs den weg der natuurlijke Godskennis, waarheid omtrent goddelijke dingen te verkrijgen is." Yitringa noemt de natuurlijke Godskennis zelfs „den grondslag, waarop alle kennis van goddelijke dingen rust." Volgens a Brakel is het juist die natuurlijke Godskennis, die den mensch geschikt maakt „om door de openbaring der Schrift in den weg der ware godzaligheid te worden ingeleid." Ook Johannes a Marck in zijn Merch der Christelijke Gotgeleertheyt wijst er op, dat de Godskennis naar het verschil van haar beginsel in twee deelen te onderscheiden is, „de natuurlijke, die

gesloten zou

baard

^) Calvüns woorden halen we aan uit de vertaling van ztjn Institutie die in 1S65 bij Zalsman te Kampen verschenen is. Deze uitgave kunnen we niet genoeg aanbevelen. De titel luidt: Johannes Calvijns Institutie of onderwijzing in de Christelijke godsdienst. De overzetting is uitnemend geslaagd. Er is geen werk, dat Calvijns Institutie in diepte van opvatting, omvattendheid van blik en volheid van godzaligen, stichtenden geest overtreft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 179

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's