Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Heils termen - pagina 247

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heils termen - pagina 247

2 minuten leestijd

237

van den „Zoon des menschen," eenvoudig van den Mensch.

niet

De

een

Christus

maar

liefde, niet ons,

oogenblik

d.

van den Middelaar, maar

i.

gedacht

gescheiden

slechts zichzelf zoekend,

van

zijn

ziedaar den

eeuwige

Mensch.

Christus daarentegen, gedoopt in den stroom der eeuwige ontfermingen, die Christus, niet zonder, maar met zijn eeuwige Liefde, i d d e 1 a a r geworden. Tusschen ziedaar den mensch Jezus Christus tot die beide nu, tusschen de heerlijkheid van den „Mensch" en de heerlijkheid van den „Middelaar," stond de keus. Tot de eerste was Hij aireede gekomen. Hij was veranderd. Hij glansde in de uitstraling eener volkomen menschelijke heerlijkheid. De vraag was dus, of Hij die wederom zou afleggen, die heerlijkheid prijsgeven, dien glans weer zou uitdooven, om de hand uit te strekken naar die andere, naar de Middelaars-heerl ijkheid en die zoeken in de diepten

De

M

des Doods.

V.

DE HEILIGE STRIJD. te

Toen sprak Ik doen, o God!

:

Zie, ik

kom om uwen Hebr. 10

wil 5.

:

keuze, waarvoor Jezus op Thabor stond, was de keuze der ontliefde: Zou Hij zich van de menschheid afscheiden, of als menschen Zoon en der menschen Middelaar ingaan in den dood?

De

fermende 's

Met welk eene menschheid zou Hij den band der gemeenschap tot in de smarte der hel omklemd houden? En Mattheüs èn Marcus èn Lucas zeggen het u met een roerend somberen trek, dien ze eenstemmig terstond op Thabor volgen laten. Van den berg der verheerlijking "afgedaald,

stuit

Jezus'

blik

op

het

onbeschrijfelijk tooneel

van den

aan maanziekte. dus luidt het eerste woord, dat den Heere van „Meester!" „Meester! ik heb een zoon, die tegenklinkt weer menschenlippen hem ook aangrijpt, zoo scheurt hij waar heeft, en geest stommen een zijne tanden en verdort, en hij met knerst en schuimt hem, en hij hij hem !" (Mare. 9 verplettert weer 17, of van hem, nauwelijks wijkt 18. Luc. 9 39). En zij brachten den ellendige tot Jezus, en „als Hij hem zag, scheurde hem terstond de geest, en hij, vallende op de „Heere! aarde, wentelde zich al schuimende;" en zijn vader zeide zoo was het van zijn kindsheid af, en menigmaal heeft zijn geest hem ook in het vuur en in het water geworpen, maar zoo Gij iets kunt,

lijder

:

:

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's

Heils termen - pagina 247

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's