Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Heils termen - pagina 203

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heils termen - pagina 203

3 minuten leestijd

193 dentens, ook een leven met de natuur, ook een samenleven met onze medemenschen. Er is zeer zeker een mystiek verborgen leven in de diepten van ons hart, maar naast dat inwendig staat ook een uitwendig leven, een leven dat zich openbaart, het leven dat in woord en daad zich uitspreekt. des

Ook het Welbehagen Gods moet dus niet alleen in de geheimzinnige schuilhoeken van ons gemoed, maar ook in onze levenssfeer, ook in onzen levensomgang, ook in ons woord, ook in onze daad, kortom in geheel onze levensopenbaring den weerschijn van den glans des Zoons, de afkaatsing van de glinstering des Eeniggeliefden ont-

om met vrije aandrift naar ons uit te gaan, zich aan het verloste schepsel te hechten, en niet maar in het eeuwig raadsbesluit, maar in werkelijkheid op ons te kunnen rusten. Mag het moeten,

leven Gods niet in natuurlijken zin als een uitwendige stof worden opgevat, die onwillekeurig in ons vloeit, maar is het een persoonlijk leven, dat in het leven onzer persoonlijkheid indringt, dan moet ook

maar in die persoonlijkheid dat leven van den Zoon naar luid den Spreukendichter (H. 8 30, 31) 's Vaders Welbehagen wekt. Dit nu teekent de Schrift ons in de beschrijving van hetgeen naast,

niet

spelen,

dat

:

„Go de welbehagelijk" is, of als van den mensch gezegd wordt, hij „Gods welbehagen doet" of ook, zijn welgevallen

dat

volbrengt." Eeeds bij den eersten oogopslag ontwaart men, „Welbehagen" hier in anderen zin genomen wordt. Zeg spreek

ik,

dat

ik van

den mensch

dat

het

woord

Gods welbehagen op menschen rust, dan liefdesbeweging in God's vaderhart, die naar

een

uitgaat.

de Heere alle dingen doet naar zijn Welbedoel ik de vrijmacht Gods, die alleen aan zijn eigen leven en eigen persoonlijkheid gebonden is. Spreek ik daarentegen van „Gods welbehagen te doen," dan het noch de liefde, noch de gebondenheid alleen aan het Wezen is Gods, die ik uitspreek, maar de afschaduwing van die alleen aan zich zelf gebondene liefde in zijn wil en wet. Belijd ik, dat

behagen, dan eigen wezen,

Gods „Welbehagen doen" is met het doen van zijn wil, het blijven in zijn wet, het beleven van zijn Woord, schier eensluidend. Of ik zeg: „Gods welgevallen volbrengen" (Jes. 44 28), of „wandelen in :

zijn

wegen"

Wat „Go de

slechts een andere zegswijs voor geheel dezelfde zaak. Welbehagelijk" of „goed is in zijn oog," naar zijn

is

naar zijn getuigenissen en naar zijne gerechtigheid, moge in zegsvorm verschillen, maar is in wezen volmaakt één. Die drie beteek enissen van „Welbehagen" in de Schrift moeten dus scherp onderscheiden worden, maar slechts dan is die onderscheidinogeoorloofd, zoo de draad gevonden is, die uit de eene in de andere recht,

13

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's

Heils termen - pagina 203

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's