Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 216

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 216

3 minuten leestijd

206 indruk niet ontworstelen, dat het eenzelfde macht is, die zich van binnen in de ziel door het Godsbesef en van buiten in de natuur als boven zichzelven en haar staande openbaart. Maar hij komt ook met een gansche wereld van onzichtbare dingen in aanraking, die met die natuur niets gemeen hebben. Liefde en plicht, haat en zelfzucht, toorn en wraak zijn werkelijke machten in het leven. Dat te ontkennen baat niet. Die machten bestaan er, werken en oefenen een onberekenbaren invloed. Slechts komt het er op aan, dat de mensch ook in die onzichtbare wereld zijn weg wete te vinden.

Daartoe is onderscheiding noodig. Onderscheiding tusschen twee geheel verschillende levenssferen, die men niet verwarren kan, zonder het spoor bijster te raken. Een ander toch is het zedelijk leven, en een ander het leven des gemoeds. Het onderscheid valt niet te loochenen. Ieder geeft voetstoots toe, dat recht en plicht, misdaad en overtreding, eerbiediging van anderer vrijheid en eigendom, kuischheid en eerbaarheid, zin voor orde en ondergeschiktheid tot de orde van het zedelijk leven behooren, in een wet te belichamen, bij wetsschending te straifen zijn, zoo al niet door den staat, dan toch in engeren kring, en uitsluitend betrekking hebben op onze verhouding tot onze medemenschen. Maar even stellig voelt ieder met ons, dat we op een gansch ander terrein overtreden, overgaan tot een gansch andere orde van dingen en ons in geheel anderen kring van denkbeelden bewegen, als er sprake is van de eigenschappen des harten, die we uitdrukken met de woorden: bewondering, eerbied, ontzag, vertrouwen, ootmoed, dankbaarheid, toewijding, zelfopoffering, nederigheid, lust tot het

Deze

aandoeningen, gewaarwordingen en zielsneigingen spruiten uit onzen omgang met menschen, behooren dus niet in eigenlijken zin tot het terrein des zedelijken levens, zijn door geen wet te contróleeren, door geen dwang af te persen, en eischen een geheel eigenaardige gesteldheid van ons innerlijk leven. Zoo scherp zelfs zijn ze onderscheiden van de zedelijke hoedanigheden, dat het soms is, of beide elkaar uitsluiten. Het verschijnsel is gedurig opgemerkt, dat er tal van menschen zijn, streng op het stuk van plicht, onverbiddelijk op het punt van recht, wier kuischheid onberispelijk, wier gedrag loffelijk is, en die toch volstrekt onvatbaar blijken voor de teerdere aandoeningen van ootmoed en bewondering en den lust niet kennen tot het gebed. En evenzoo, omgekeerd, valt niet te loochenen, dat bij menig mensch, wiens plichtsbesef maar al te lax en wiens rechtsgevoel verre van scherp is, soms op sterke wijze het gevoel van eerbied en geestdrift, van bewondering en toewijding zich geldend maakt. Kortweg nu kan men zeggen, dat de zedelijke hoedanigheden op

niet

voort

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 216

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's