Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 254

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 254

2 minuten leestijd

!

244 Euphraat; en dat het toch niet omkwam, maar gered bleef en verlost werd, niet door eigen levensmoed, niet door vorstelijk beleid, niet door priestertrouw of volksenthousiasme, maar wijl „de Engel des Aangezichts het heeft behouden." Zóó Israël! Immers een spiegel van uw eigen zielservaren? Kom, Heere Jezus, Maranatha^ schreit het bij elke diepe smart uit uw ziel naar den Hooge

En

dat volle, dat diepe, dat alles vervullende Maranatha Dat nadert wel, maar toeft toch nog, Aan de wolken blonk het Teeken van den Zoon des Menschen nog niet, en daarom is ook de laatste traan nog niet geschreid. Maar als de wereld daarom wanen zou, dat ge dus al uw benauwdheid nog alleen gedragen en nog nooit een komen van uw Jezus u tot redding en tot troosting ervaren hadt, dan jubelt het immers ook uit de diepte uwer ziel. Hem tot prijs en dank en eer: „In al mijn benauwdheden was Hu benauwd. Hij^ de Engel des Aangezichts^ heeft mij behouden !"

neen,

bleef uit.

IV.

EEN KONING! En

het geklank des Konings

is bij

Numeri

hem. 23

:

21.

Er heerscht strijd op aarde. De kinderen der menschen staan tegen elkander op, benijden en verbijten elkaar. Er is onder hen verwarring en twist, verdeeldheid, krakeel en laster. De oorlog tusschen volk en volk is hetzelfde bedrijf in het groot, dat op kleiner schaal dag aan dag in onze steden en dorpen tusschen den man en zijn broeder wordt afgespeeld.

Vanwaar

dit?

toch van het hoog gebod der liefde. Ze keuren het gebod toch schoon. Ze ontleenen aan het schoon der liefde het recht om den twistende te kastijden. Ze zongen van menschenmin en

Ze

hoorden

menschenliefde hun schoonsten zang. En die lof voor het gebod der liefde is niet onoprecht op hun lippen. Zoo dikwijls ze dien lof aanstemmen, stemt hun hart er in mee. Het tegendeel der liefde als schoon te eeren, komt in geens

menschen Luister heid,

ziel

op.

maar,

zelfs

tekortkoming

in

hun

twisten verwijten ze elkaar liefdeloosom den naaste als zichzelven

in het hoog gebod,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 254

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's