Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dat de genade particulier is - pagina 179

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dat de genade particulier is - pagina 179

3 minuten leestijd

169

van Christus in degenen die

zalig

worden, en in degenen die verloren

yaan /" Het kruis van Jezus gaat dus volstrekt niet alleen de uitverkorenen, maar wel terdege alle menschen aan. Voor zooveel het voorwerpelijk heilmiddel aangaat is de dood des Zoons van God een volkomen genoegzaam rantsoen, om verzoening teweeg te brengen voor aller menschenkinderen schuld. Gelijk we onlangs schreven: „Indien alle menschen tot den laatsten toe, ziel voor ziel en hoofd voor hoofd hun losprijs uil dat rantsoen nemen wilden, zou er nóg een oneindige verdienste overblijven." Wat den schat

in

eenvoudig

waardij van Jezus' zoenoffer aanbelangt, och broeders, er is geen uitputten aan! En indien de arme menschheid maar

iets

minder diep

een

zeer

in het verderf was weggezonken; indien ze maar kleinigheid kracht in haar wil ten goede had overgehouden; dan zou ook alle mensch zonder onderscheid, met hooggestemden dank en innige verrukking dat rantsoen aangrijpen, en allen zondrn er door gered worden.

kleine

Maar nu de menschheid door eigen schuld, tegen Gods uitgedrukten wil in en tegen zijn klaar gebod, zich zoo verre heeft weggeworpen, dat ze zelfs niet meer in staat is om met zulk een goddelijk rantsoen haar profijt te doen en ze er veeleer nog den spot mee drijft en er om moet juist

nu kan het toch immers wel niet anders, of God door de aanbieding van dat rantsoen eens helder doen uitkomen, hoe diep weggezonken die mensch is. Een zondaar wil altijd het recht in zichzelf en onrecht zoeken bij God. Dat gaat vast door. Dit leert ons heel de ervaring op geestelijk lacht;

terrein. Is

er

nu

trek

in

het

van uitverkiezing sprake, dan komt diezelfde onheilige menschenhart weer op, en zegt hij „Als er nu maar geen uitverkiezing was, en het was aan mij overgelaten, om te beslissen of ik Jezus' rantsoen wou aannemen of niet, o, dan zoudt ge eens zien, hoe hard ik er heen liep. Maar nu, wat zou ik? Ik ben buitengesloten.

:

Dus

de schuld hij

ligt

GodT

En

dat gaat natuurlijk al te ver. létn zondaar die zooverre zichzelf verdeed, dat hij, als het rantsoen vlak voor hem ligt, geen macht meer overhield om het te mijnen; er

eer

mee spot, en het van zich afstoot, die zal van achteren komen zeggen „Hadt het mij ook maar aangeboden ... of genomen had," en zoodoende zou er nog uit de diepte der

dan nog ik

het

:

helle een kreet opstijgen,

Dat

nu

moet

dat er geen recht

voorkomen.

En

het

is

is

bij

God.

daarom dat God, opdat Hij

rechtvaardig bleke, dat rantsoen nu aan alle schepsel zonder onderscheid laat aanbieden. Immers juist doordien het nu aan allen aangeboden wordt en allen het verwerpen, blijkt nu daghelder dat God gelijk had, toen Hij den

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Dat de genade particulier is - pagina 179

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's