Het heil in ons - pagina 95
!
85
aangedreven
en
door
den
Trooster,
oogmerk
de
hebbelijkheid
krijgt
om
die
dwingen, d. i. door de kracht die van Christus' kruis verdiensten uitgaat den ouden mensch met zijn begeerlijkheden, en de lusten des vleesches te kruisigen, te dooden en leden
het
tot
vereischte
te
begraven.
te
uw ik dat gelooft, wijl het leeft en leeft voor i. door den Heiligen Geest aangedaan met heiligen zin, met heilige kracht en heilige vatbaarheid, om zoo dikwijls ge den Geest weer werken laat en niet weerstaat, aan den ouden mensch te toonen, dat de rollen zijn omgekeerd en Jezus sterker is dan Zoo
zooveel
uw
wordt het
gij,
d.
gelooft,
vleesch.
Met dien verstande echter, dat ook hier de genade Gods redelijk magischer-wijze toovert. Nooit dus zóó, alsof blijft en nimmer Christus het eéne oogenblik „al uw leden" geheel en volkomen buigen zou naar. zijn wil, om straks weer slechts ten halve het vleesch in u maar in dien zin, dat „het stellen van uw leden tot te bedwingen, dienstknechten der gerechtigheid" een arbeid van geleidelijken voortgang is, zoodat door strijd en beproeving en door oefening der zinnen naar den eisch van alle organisch dit proces slechts langzaam, leven, gelukt.
Tevens gaat het daarbij niet naar willekeur, doch naar de van God Ook de „leden der ongerechtigheid" worden bewerkt „een iegelijk in zijn orde," naar gelang bij den éénen of den anderen van Gods kinderen de loop van heel het raderwerk door geest of wil of lichaam zijn richting had gekregen. En wat men ten slotte vooral niet vergete, ook in het gunstigste geval en bij de sterkste bedwinging blijven „die leden" toch altijd dienstknechten. D. w. z. ze dienen den Christus omdat ze moeten. Omdat het geloof hun te machtig is. Wijl ze niet anders kunnen. Maar van nature blijven ze ten einde toe tegenstribbelen. Als een veer zijn ze die omlaag blijft, zoolang ge die met machtige hand neêrhoudt maar laat ge ze los, dan springt ze weer ijlings op gestelde orde toe.
;
V.
GEEN TERUGKEER ONDER HET
JUK.
Die door de gewoonte de zinnen geoefend hebben, tot onderscheiding des goeds en des 14. Hebr. 5 kwaads. :
Twee dingen zijn alzoo vast te houden: ook al stierf een kind van God terstond na zijne bekeering, toch zou voor den troon des Eeuwigen maar ook, wordt hem na zijn heiligmaking onberispelijk zijn,
—
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's