Practijk der godzaligheid - pagina 259
!
251
Voor wie terugkeert
zijn
de
hem
schatten des Vaders, voor kalf geslacht!
God laat zorgen wordt het gemeste Van deze heerlijkheid ziet noch
beseft
de
die
wereld ook maar het
geringste. Zij
zegt:
Indien ge geen spijze wint in het zweet uws aanschijns,
komt ge van honger om. Van den vlinder die honigzoet
uit
bloemen puurt weet
ze niet.
kent slechts de mier.
Zij
Zorgt ze niet, dan eet ze niet. Zij
leeft
niet
van haar hand
de
bij
gratie
des Al machtigen,
maar
bij
de kracht
!
Alleen het geloof weet voor deze heerlijke ruste en liefdedienst het zielsoog te ontsluiten.
Het
geloof,
dat
het
eigen werk vergeet,
om
alleen op
Gods werk
te letten.
vermogend geloof, dat Gods zorge zoo overheerlijk groot en rijk vindt en onze nooden daarbij vergeleken, zoo klein en nietig. o. Dat wondere geloof, dat door de schermen heengluurt en duidelijk een gansche wereld om zich ziet, waarvan gij niets bespeurt. Eerst in die stille geloofswereld kan ook de glorie van het vasten Dat
alles
verstaan worden.
De Moderne
theoloog,
gelijk hij
zich noemt, de ontnuchterde, die eigen vondst een geloof voor
vaderen geloof wegwierp om onze eeuw te knutselen, en nu reeds, na nog geen veertig jaren, het „veel aanbod weinig vraag" zich door eigen geestverwanten voor de voeten hoort werpen, de arme Moderne theoloog verstaat hier niets van. Hij lacht, als hij van vasten reppen hoort. In het leven zijner vaderen weinig thuis, wist hij zelfs niet welke hooge beteekenis het vasten voor onze oude kerk had, en mqent hij uit
der
Roomsche dwaling op het spoor Val
hem
De
zin
te zijn.
niet hard voor zoo teedere oefeningen der godzaligheid ontging !
hem
sinds lang.
„Het lichaam te bedwingen" kent hij nog wel in den wettischen vorm van een „matigheids-genootschap", niet meer in de bezielde uiting des geloofs. Des geloofs
Want leven,
ja,
kan
eerst
wie aldus naar Jezus' woord uit Gods hand wist te
vasten.
Vasten, om, als de ziel zich in haar vrede gestoord voelt en weet den Heiligen Geest bedroefd te hebben, zich de zorge geheel onwaardig te achten, die 's Heeren liefde aan hem wijdt. Een zelf voor een wijle zich onttrekken aan die teedere, alomvattende zorge, om zich in eigen verbrijzeling voor den Kenner der harten te verootmoedigen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's