Heils termen - pagina 204
194 dus het „Welbehagen" als liefde en het*„Welbein a c h t. daarin hun eenheid vonden, dat God slechts v ij r hanen" als en slechts aan zijn eigen leven lief heeft, leven zijn eigen gevraagd, wat de samenhang is, die ook thans moet zoo is, ü'ebonden overleidt.
met
deze verbindt.
Gelijk
beiden het „Welbehagen" in den zin van
den wil Gods
De overgang tusschen beiden geeft de Schrift ons zelf aan de hand, 18 met het woord vergelijken, dat uit den Hebreërals we Filipp. 2 :
brief boven dit opstel werd geplaatst. In den Filippenserbrief getuigt Paulus, dat het God is die in zijn verlosten werkt, „beide het willen en het werken, naar zijn Welbehagen," en de Hebreërbrief bidt ons toe, dat „de God des Yredes ons volmake in alle goed werk, opdat we zijnen wi\ mogen doen, werkende in ons hetgeen voor Hem welbehagelijkis, door Jezus Christus." Zoo zeer zelfs ligt in deze beide uitspraken de overgang, dat ge het woord uit Filippensen lezend, aarzelen kunt, of er van Welbehagen als „vrij macht," of als „wilsuiting" sprake zij.
IX.
GODS WELBEHAGEN DOEN. Een
welriekende
offerande,
reuk,
een
aangename
Gode welbe hagel ijk. Filipp.
IV
:
18.
De zich zelf alleen bekende en in zich zelf alleen berustende God a c h t van zijn welbehagen, doet niet slechts alle dingen naar de v r ij en ziet niet slechts in de liefde zijns welbehagens op het verloste schepsel neder, maar eischt ook weerkeerig van het verloste schepsel, dat het al z ij n welbehagen doe, doe wat Hem welbehagelijk is
m
en zijn welgevallen volbrenge. De ééne klank van „Welbehagen" kan dus of Gods vrij macht, of zijn liefde, of zijn volmaakten wil uitdrukken, en het is dit laatste welbehagen, dat thans verklaring eischt.
en wet mag van het eigen leven onzes Gods wel onderniet gescheiden worden: in den grond zijn ze één. Niets is verderfelijker, niets leidt op bedenkelijker dool wegen, dan de oppervlakkige waan, alsof de wil Gods ongebonden ware, in den zin waarin onze eeuw met het denkbeeld van volstrekte vrijheid dweept. Wie de gedachte plaats kan geven, dat God ook anders kon willen, dan Hij blijkens zijn raadsbesluit en zijn wet doet, krenkt, zij het
Gods
scheiden,
wil
maar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's