Dat de genade particulier is - pagina 102
!
92 de
kent, geboren wordt; met de moedermelk het bijgeloof of wordt opgevoed in de bespotting van het Evangelie; en
waarheid
indrinkt,
zelf zich aan die bespotting wennend; er op toe leeft en lacht met de lachers en eindelijk sterft met de stervenden, zonder ooit anders dan een caricatuur van den waren Herder der zielen te hebben gekend o, We verstaan het, dan zult ge gereed zijn, om de schuld hiervan
aldus
op de kerk, op de lauwheid der geloovigen en op wat niet al te werpen. Maar zie, dat baat u hier niet. Want de vraag is volstrekt niet naar den stand dier geloovigen tegenover den Heilige, maar wel hiernaar: of die ongelukkige persoon, voor wien naar uw leer de Christus het rantsoen betaald heeft, niet recht vaardiglij k in de hel tegen zijn Formeerder kan roepen, die M^el hem op Golgotha verlossing aanbrengt, maar hem voorts komen en gaan laat, zonder dat hij ooit iets
En dan ge
dikwijls
van die verlossing vernam? tweede vraag: „Heeft 'uw eigen ondervinding, zoo kinderen op te voeden, gemeenteleden te verzorgen, of
deze
bewerken hadt, u niet zelf feitelijk getoond, dat ge, ook van uw arbeid en eigen wilsneiging, bij den één op rotsen hadt te ploegen en bij den ander een rulle zachte aarde vondt? Het niet ervaren, dat met dezelfde moeite, met gelijke inspanning, met even krachtige aangrijping, het bij den één er in zonk als de regen in een dorre aarde, terwijl het bij den ander er al af liep en elk vatten van de vezelen uitbleef? Of sterker nog: deedt ook gij de ervaring niet op, hoe gij bij één- en denzelfden persoon jarenlang aan eens doovemans deur hadt geklopt, totdat opeens, zonder dat gij iets bijzonders hadt gedaan, de deur meer open gestooten dan open gedaan werd, en ge ziel tegenover ziel stondt? En is dit zoo, bracht dit dan ook u tot de ontdekking, dat gij eerst mYwerken kunt bij eens menschen ziel, als Gods werk voorafging? En stemt ge dat toe, hoe kunt ge dan ter wereld toeh volhouden, dat ook voor harde, hard blijvende en zich verhardende naturen, hoofd voor hoofd en ziel voor ziel, van Gods zij een wezenlijke verlossing is teweeg gebracht? zielen
te
afgezien
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's