Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 97

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 97

3 minuten leestijd

83

En te

reeds

hier

oogenblikken,

die

op aarde is de hel op en in en om u in elk van waarin het God belieft „zijn genade" van u weg

nemen.

Want neemt God blik

in

niets

uw

meer,

„zijn

genade" weg, dan is er op hetzelfde oogenuw zonde afhoudt en gaat ge roekeloos

dat u van

onscerechtiffheid door.

En let wel, daarmee is nu nog geen „zaligmakende, wederbarende" genade bedoeld. Maar gedoeld veel meer op die terughoudende, intoomende en hefeugelende genade, die door God op het algemeene leven gelegd is, en waardoor de menschen, die, wierden ze losgelaten, als tijgers en wilde beesten op elkaar zouden aanvallen, zóó worden ingehouden en ingebonden, dat er nog een menschelijke maatschappij onder hen mogelijk is en ze nog soms met burgerlijke deugden versierd zijn.

Een „genade" aan u ook in uw onbekeerden staat bewezen, en daarmee een macht Gods die op en in u werkt, om u te verdedigen tegen de zuigende kracht, waarmee uw eigen zonde u wegtrok en neertrok naar het verderf; en die maakt, dat hoe de wereld, de duivel en uw eigen hart u ook persen en drijven, om u zei ven in alle zonde en ongerechtigheid weg te werpen, er toch nog een burgerlijk braaf mensch in u overbleef, die wel inwendig aan alle schuld voor God schuldig stond, maar aan de verwoestende, helsche overmacht der zonde toch ontkwam. ook die „beteugelende, Maar .... en dat is nu het ijslijke intoomende en terughoudende" genade neemt God de Heere soms in het einde- van een volk of van een persoon weg. Ten deele deed de Heere dat door een rechtvaardig gericht met de heidenen „die II ij overgaf in een verkeerden zin, om te doen dingen die niet betamen", en die „Hij aldus wandelen liet in hunne eigene wegen", zoodat ze „over werden gegeven in onreinigheden" en „oneerlijke bewegingen" naar „de begeerlijkheden van hun hart." Tot hetzelfde schrikkelijke doeleinde zond Hij zijn profeet, tot wien Hij uit de heerlijkheid sprak: „Maak het hart dezes volks vet en maak hunne ooren zwaar en sluit hunne oogen, opdat zij niet zien." In gelijken zin heet het bij Job „Indien uwe kinderen gezondigd hebben. Hij heeft ze in de hand hunner ocertrediny over.

!

.

.

.

:

yeyeven.''''

In

geheel dezelfde beteekenis spreekt de Heilige Geest

bij

den psalmist: „Dies heb Ik hen overgegeven in het goeddunken hunner harten.'' Sterker nog in den brief aan de Thessalonicensen ^^Daaroin zal hun God zenden een kracht der dwaling^ dat ze de leugen zouden gelooven." En dat nu is het wat de Heere ook aan zijn eigen volk dreigde, toen Hij het door Jeremia liet aanzeggen „Indien gij dan :

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 97

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 330 Pagina's