Het heil in ons - pagina 213
203
Te bewaren,
door
zelfs
Israëlietische afsluiting terug niet bewust,
baring
den en
schijn te mijden, als trok ze zich in als
ware ze zich van den samenhang
die tusschen haar belijdenis en de oorspronkelijke
bestond.
Te bewaren, door
van die groote verborgenheid
te
Open-
steeds haar belijdenis in het licht
plaatsen, dat het algemeen menschelijk
besef van aanbidding den grondslag vormt waarop ook de openbaring
van den Zone Gods
rust.
Kerk dien gouden draad, die van het naar Bethlehems kribbe loopt en sinds in de belijdenis van het Christendom is ingeweven, door niet te rusten eer ze den glans van Golgotha op het menschelijk leven in al zijn verschijnsels heeft doen vallen, en feitelijk getoond heeft hoe de geest van Christus de eenige en onfeilbare kracht is om al het doode en dorre in ons menschelijk levou uit zijn inzinking op te heffen. Maar bovenal, ze heeft het voedsel, dat ons Godsbesef hierdoor ontvangt, te gebruiken. Te gebruiken bij de belijders van het Christendom, om in hun gewone gedachtenwereld de aanrakingspunten te vinden, waardoor de belijdenis zich aan het leven aansluit, schoolsch naspreken van termen te voorkomen en de waarheid, als wier predikster ze optreedt, te doen ingaan in ons bewustzijn. Te gebruiken ook, om hun, die, na de Schrift verworpen te hebben, nog aan eenige algemeene termen van godsdienst vasthouden, van *s Heeren wege aan te zeggen, dat ze ook dat overblijfsel der Godskennis niet aan eigen denken dank weten, maar ontvangen hebben uit dien stroom der overlevering, die alle volkeren en natiën met haar kostbare druppelen heeft besproeid. Te gebruiken, ook bij den wereldling en afkeerige, door hem uit het practisch leven, uit zijn taal en zegswijzen, uit zijn huislijke en maatschappelijke gewoonten de teek enen voor de consciëntie te leggen, die nog van iets anders getuigen dan zijn wijsheid leert. Te gebruiken, eindelijk, ook bij de zending onder de heidenen, door het opsporen en aanwijzen van wat, hoe ook verbasterd en ontaard, achter hun vormen en onzinnigheden nog van een beteren oorsprong getuigenis geeft en door den geest van Christus weer aan het licht
Te eeren
heeft de Christelijke
Paradijs
kan treden. Het Godsbesef brengt dus niet verder dan tot de erkentenis, dat er een macht is, die ons inwendig leven aanraakt. De natuur bevestigt slechts het besef, dat die macht niet ingebeeld is, maar wezenlijk bestaat. De menschenwereld toont, dat die macht over ons zedelijk leven heerschappij voert.
Maar noch dat besef noch die natuur noch dat zedelijk leven zou ons tot de wetenschap brengen, dat die geheimzinnige macht een persoonlijk leven heeft, een Godheid is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's