Het heil in ons - pagina 56
46 wijzen; slechts voor één ding wachte men zich. Had men ooit bij zulk een onderzoek den toeleg, om ten slotte alles, dus óók de wederbaring zelve, uit eindige, menschelijke oorzaken duidelijk te maken, dan zouden we dien geestesarbeid met vollen nadruk hebben af te wijzen, wijl hij, de grens tusschen dood en leven opheffend, Gode zijn majesteit en ons den troost onzer zielen rooven zou. te
X.
WEDERGEBOREN ZONDER HET TE WETEN. En hij (Johannes) zal met den Heiligen Geest vervuld worden, ook van zijner moeders lijf aan. Luk. 1 15. :
het vraagstuk der wedergeboorte kan men niet te ernstig rekenen de kinderen der geloovigen, die sterven eer ze tot jaren van onderscheid kwamen. Met stellige beslistheid over hun lot in het eeuwige te spreken, verbiedt ons de eerbied voor het doen van de majesteit Gods. Hij alleen oordeelt. God de Heere is rechter van levenden en dooden, ook van het vroeg gestorven kroost, en dies betaamt het ons, bij het graf onzer dooden, 't zij ze jong of op rijper steeds indachtig te blijven aan de beperktheid van leeftijd stierven, onzen blik, het onvolkomene onzer kennis, de onvastheid onzer oordeelen, om nooit te vergeten, dat het rechtvaardig oordeel Gods, juist wijl Hij alle ding in heilige waarheid aanschouwt, anders kon zijn, dan wij hadden gehoopt, of ook, dan onze kortzichtigheid had Bij
met
gevreesd. Bij
houde
ons
men
spreken over de vroeg gestorven kinderen der geloovigen dus in het oog, dat we geen oordeel met volstrekte
zekerheid of beslistheid bedoelen, maar ook van hun lot in het eeuwige slechts met die bedachtzaamheid gewagen, die ons, schepselen, voegt en in Gods Woord van ons geëischt wordt. Vooral bij onze kinderkens mogen we niet anders. Immers, vatte eenmaal het denkbeeld post, dat jong gestorven kinderen onvoorwaardelijk zalig worden, dan zou het ouderhart, dat zijn kinderen met een heilige liefde mint, den vroegen dood van zijn kroost moeten afsmeeken, zalig spreken wie vroeg heenging en met teedere bezorgdheid de minder bedeelden beklagen, die veroordeeld waren om bij langer leven zich te wagen aan een onzekere kans. Men kent de verfoeilijke misdaad, die zich achter den lieflijken naam van het „engeltjes-maken" zoekt te verbergen, en nog heugt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's