Het heil ons toekomende - pagina 167
157 deze vrijmachtige bepaling van het natuurlijk leven de uitverkiezing des Koninkrijks te verwarren, maar ten bewijze dat zichzelf w^eêrspreekt wie in het Koninkrijk ontkent, wat hij in het rijk der natuur wel moet erkennen, althans zoo hem beide levensterreinen, openbaringen zijn van eenzelfden God.
YIIL
VERGELDING HIERNAMAALS. Kind, gedenk dat gij uw goed ontvangen hebt in uw leven en Lazarus desgelijks het kwade, en nu wordt hij vertroost en gij lijdt smarten. Lukas 16 25. :
Bij het zien op een heerlijker lot dat anderen beschoren werd, is tevredenheid in eigen minder lot alleen bij geloof aan Gods verkiezende vrijmacht denkbaar. Neem dat geloof weg en de minder gelukkig bedeelde moet in opstand komen tegen zijn lot. Eerst in zijn hart, en reeds hiermee is hem zijn geltik geroofd, want dan kruidt geen tevredenheid zijn spijze meer. Dan in zijn gedachtenwereld, om hem te verwarren en de krachten van geest aan huis en arbeid te onttrekken. Allengs op de lippen, als het morrend woord van mond tot oor gaat. En kwam het eens zoover, wie zal den rookenden gloed dan nog dempen? Van den vloekenden mond naar de dreigende hand en van die hand naar het scherp, is de overgang licht overzienbaar. De barricades van den Montmartre heeft niet Eochefort maar Pelagius
gebouwd. Het rustpunt
voor
zachtste
het
den slinger der ziel is ondeelbaar klein. De blazen van den adem, het dreunen van den bodem, de golving der lucht, meer is niet noodig om den slinger zijn rustpunt te doen verlaten, en eens door het punt van evenwicht gezwikt, verstoort hij zelf door terugslaan zijn rust voor lange tijden. Pelagius blaast die trillende ademtocht in elk hart, dat niet vast ligt trilling,
Gods albestuiir, en uit 's menschen hart zich aan Staten en volkeren mededeelende, stoot die trilling in haar voortplanting ten leste tronen en altaren omver. Let er op, hoe juist de Koomsche landen het felst door de revoltuiekoorts worden geplaagd. Toch is er één bedenking waarop dient gelet Steunt deze berusting in een min gelukkig lot niet veel meer op de hope der vergelding? En zoo ja, wat is er dan voor de eeuwige verkiezing gewonnen? Achter de eeuwigheid ligt toch geen tweede eeuwigheid, waarin het erfstuk des levens den eerst verworpenen ten in
:
deel
kon
vallen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 266 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 266 Pagina's