Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dat de genade particulier is - pagina 65

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dat de genade particulier is - pagina 65

3 minuten leestijd

55

met zijn goddelijke kennis gegrepen heeft, dat er uit het gansche menschelijk geslacht slechts „een schare" eeuwig leven zou indrinken ook eer de dood kwam. Wel een schare „die niemand tellen kan" maar toch altijd slechts „een schare uit alle natiën en geslachten" een schare uit de massa, dus niet het geheel: niet allen. zien en

;

;

Over dit feit twist men niet. Dat geeft men voetstoots toe. Ja, niets staat vaster dan dit zekere, dat op verre na niet alle menschen eer ze den geest des levens over de lippen uitblazen, den levendmakenden Geest in de ziel hebben ontvangen. Yan deze uitkomst; van deze ontwijfelbaar zekere uitkomst nu, zeggen ze, heeft de Heere onze God kennis gedragen, toen Hij den raad des heils heeft vastgesteld. En er wel zoo kennis van gedragen, dat God de Heere niet, gelijk een sterfelijk mensch, bij zichzelven gedacht heeft: „Och, wie weet, of toch ook die anderen niet nog wel mijn Zoon zullen aannemen! Alle dingen zijn mogelijk! Ook op hun toebrenging kan en mag nog gehoopt" maar er kennis van gedragen in dien vasten, zekeren, stelligen zin, dat de uitkomst niet anders zijn zal of kan, dan Hij, !

die van eeuwigheid af kent, weet, doorziet en peilt op den bodem. Ja, er kennis van gedragen met dat zóó klare heldere inzicht van het goddelijk doorgronden, dat de oorzaken van hun verderf naakt en al de gangen en geopend voor zijn goddelijk aanschouwen lagen en paden, waarlangs hun verderf zich zoo noodlottig ontwikkelen zou, van der dingen aanvang af door zijn goddelijk oog doorgluurd zijn en nagespeurd; en in al zijn ontzetting het schrikkelijk diep bederf der zonde, waar deze booze, wrange vrucht uit voort zou komen, door zijn goddelijke alwetendheid tot in zijn wortel, dat is, tot in het binnenste van Satans leugenhart is doorgrond. En desniettemin beeldt men zich nu in, schrijft en leeraart, dat diezelfde heilige, heerlijke, het al doorziende en doorgrondende God, bij het beramen van zijn heilsplan, den wil, de bedoeling, de intentie gehad heeft, om zijn eeniggeboren Zoon „den losprijs," ook voor hen die ten verderve zouden gaan, op Golgotha te laten betalen. Leerende dus, dat God de Heere volkomen zekerlijk geweten heeft: „Ze kunnen niet gered worden!"; en dat diezelfde God desniettemin een heilsplan gemaakt heeft als kon Hij ze wel redden; als ware hun redding zeer wel denkbaar; en als legde Hij het, naar de intentie van zijn plan, dan ook metterdaad op aller redding toe.

de eeuwige God,

tot

;

Twee

voorstellingen

die

elkaar

natuurlijk

volstrektelijk uitsluiten

geen oogenblik saam kunnen bestaan, zelfs niet in een helder menschenhoofd laat staan dan in het wezen Gods. Aldus toch wordt in het wezen Gods de mogelijkheid gesteld, dat Hij, de Heilige, iets in dezer voege ongeveer in zichzelven zou been

;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Dat de genade particulier is - pagina 65

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's