Heils termen - pagina 147
137 dat
uit
Welnu,
het
verderf
op
kan halen, wat onder dat verderf wegzonk.
we hebben een
Evangelie, waarin die verhoogde glans der Liefde ons tegenstraalt; we hebben een Openbaring Gods, waarin ons aanbiddend oog een zichzelf-overtreffen van Gods Liefde ziet, gelijk in geen menschenhart ooit was opgeklommen: er is tot ons een woord uitgegaan, „dat de uitnemende grootheid zijner kracht naar de werking der sterkte zijner macht" ons ten behoud geworden is, en dies jubelen we met de Gemeente aller eeuwen, i)ij voorkeur, schier alleenlijk, van die hoogste glorie der ontfermende Liefde, die God gewrocht heeft in de verwekking van Christus uit den dood. Waar we door de wedergeboorte dus ingezet worden, het is dat Opstandingsleven. Het leven in des Christen's ziel gewekt is van Christus' opstanding uitvloeisel en vrucht. De hoogere zaligheid waartoe hij opklimt, het is juist de kennisse naar lengte en breedte, naar hoogte en diepte van de liefde Gods in Christus Jezus, het met heilige aanbidding staren in dat Mysterie der hoogste Liefdesontplooiing, waarin zelfs Engelen begeerig zijn in te zien. Als 's Christens strijd, al zijn lijden en worstelen, al zijn lieven en
mag dus slechts één doel hebben, dit namelijk, dat hij steeds dieper wordt ingeleid in dat ongeziene heiligdom, Avaar dat hoogste Mysterie der Ontferming Gods aan de schare der verlosten wordt getoond. Zij het ook in anderen zin, eenigermate moet ook over hem denken,
dus komen, wat oudtijds over de Profeten gebracht werd door 's Heeren Geheel het leven zijner ziel moet al meer leven der inspiratie worden. Op het voetspoor der oude Godsmannen moet ook hij in de aanschouwing „der dingen die bij God zijn" gezet worden. In volstrekteren zin nog dan zij, moet hij gezalfd worden met den Geest des Heeren, en door die zalving gewijd, tot het „weten van alle dingen" doordringen. Slechts dit verschil moet tusschen hem en de mannen Gods van ouds bestaan, dat bij hem de Geest tot het middenpunt zijns levens doorga, waar het bij de Zieners des Ouden Verbonds slechts de verlichting van het geestesoog was voor een tijd. Zijn inzien in het Mysterie der Ontferming en Opstanding moet dus een zien met geheel zijn wezen, een ingaan met zijn geheele persoonlijkheid, een indrinken met al de organen zijns levens zijn. Dit nu kan de Christen nog veel minder dan de Profeten van ouds, zoo hij ook niet naar het uitwendig leven gedurig in een toestand wordt gebracht, die bij den gang des geestelijken levens zich aansluit, op de wet van dat eeuwig Mysterie rijmt, en de daad Gods op den diepen achtergrond des geestes in tastbare feiten afspiegelt. Is nu de sleutel tot dat eeuwig Mysterie in de vraao- o-eo-even: hoe er leven uit den dood kan komen? is het een en eenig schoone in de nieuwe wereld, waartoe hij overging, het leven dat Gods ontGeest.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's