Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Het heil in ons - pagina 96

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het heil in ons - pagina 96

3 minuten leestijd

86 zijne

bekeering

nog een leven op

aarde

toegeschikt,

dan moet

er,

gevallen van krankzinnigheid uitgenomen, wel terdege een waarneembare toeneming in heiligen zin en een in het oog springende afkeering van de zonde plaats grijpen. Er mag in het leven na de bekeering nooit ontbreken wat men proces noemt, d. i. een gestadige ontwikkeling van kracht, een voortdurende ontplooiing van het schoon des hoogeren levens, een steeds uitbotten en rijpen van vrucht. Stilstand is een eigenschap van den dood, maar niet van het leven. Een zoo machtige overgang als van het rijk der duisternis in het Koninkrijk van den Zoon der liefde kan niet verborgen blijven. Een kind van God en „het licht onder

de korenmaat" hooren niet bijéén. Dat proces des nieuwen levens nu heeft drie verschillende kanten waaruit men het bezien kan, naar gelang liet 1 Door God zelf in ons gewerkt; 2. door ons persoonlijk ik in den geloove tot het onze gemaakt; en 3. voor de wereld in vruchten der dankbaarheid openbaar wordt. Aan den pas bekeerde geeft, wat het eerste punt betreft, de Heilige Geest nog niet de spijze die Hij aan den geoefenden schenkt, er komen bij voortgaande ervaringen aan Gods kinderen openbaringen van kennis, ontsluitingen van een innige gemeenschap met den Heiland, bovenal bevindingen van kracht en genietingen van zaligheid toe, die aan den pas bekeerde nog onthouden moeten worden, wijl ze hem nog te machtig zouden zijn en de geregelde orde ook bij deze inwerkingen van den Geest niet kan worden veronachtzaamd. Evenzoo blijft, voor wat, ten tweede, ons persoonlijk ik aangaat de geloofsmacht bij het kind van God niet van den beginne tot den einde aan zichzelf gelijk. Wel is het geloofsvermogen in de eerste dagen na de bekeering zeer krachtig werkend. Maar dit is een natuurlijke overspanning, die altijd vast na eenigen tijd, door inzinking achtervolgd wordt. Dan eerst komt de oefening, komt de zielservaring, komt de geestelijke bevinding, en leert het persoonlijk geloof, door vallen en opstaan, hoe het op de paden des Heeren te loopen heeft. Daardoor worden de enkelen vaster, de werking van het geloofsvermogen geregelder, hecht het zich inniger aan het Woord des Heeren, en leert het door bittere teleurstelling, de krachtsverspilling van het overgeloof en de Godverzoeking van het vertooningsgeloof wel af. En, eindelijk, komt dan ook, ten derde, in de vruchten deze gezonde groeikracht van het groen geworden hout uit. De ongeloofelijke kracht namelijk van de gewoonte, die voor zijn bekeering in den dienst der zonde was, begint thans allengs in den dienst van het heilige over te gaan, de poel blijft wel goddelooslijk uitdampen uit den verpesten kuil van de natuur waarin we geboren zijn, maar de giftige dampen kunnen in zijn menschelijk organisme niet meer zoo sterk doordringen. De vermogens van zijn geest, de vleugelen van .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Het heil in ons - pagina 96

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's