Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Heils termen - pagina 176

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heils termen - pagina 176

3 minuten leestijd

166 wordt gehouden. Er waren nevelen tusschen de en de Gemeente getrokken. De koesterende stralen braken niet meer door. Men beleed nog wel een verlossing in het dierbaarst bloed. Men bouwde op den Christus nog wel zijn hope voor eeuwig. Gods liefde te verheerlijken was nog Avel een onmisbaar bestanddeel van zijn lof en prijs. Maar toch, men genoot er niet meer in. De Liefde in God was niet meer het overstelpende en hartveroverende en zielverteederende, dat steeds als met versche droppelen Fontein aller goeden neerdaalt. De belijdende gemeente, in uit. de haar geheel genomen, raakt aan Gods Liefde vervreemd. Een betoog, een redeneering, een sluitreden, ziedaar alles wat van de prediking der Barmhartigheid overbleef. Het „wij bidden \J alsof God door ons bade," het werd misschien nog misbruikt en ontheilio;d als oratorische scliudde

Zonne

plant

der

voor

gerechtiglieid

mnar het kwam in het piiestcrhart niet meer op. toch zijn ze van oosten en westen gekomen en Israël voorgegaan in den prijs en de aanbidding van wat voor Israël schier was weggestorven. Het door ons verlaten, door ons geminacht kleinood is toen door anderen van ons genomen en met den hun vreemden keursteen hebben ze als sieraad gepronkt. Dat duurt nu reeds vijftig jaren, en nog is in de gemeente van Christus niet veel meer dan eene eerste beweging te bespeuren van een zoo krachtig, zoo alzijdig, zoo wesTzinkend inleven in de volheid der Eeuwige Liefde, dat de uitstraling van haar gloed weer door de wereld gevoeld wordt. Der enkele ziel zij hiermee niets te na gezegd. Ook in de dagen van versterving gaat de Koning zijner kerk voort de hemelsche gaven uit te gieten in de ziel die hem beidt. Innige, wegslepende, schier hemelsche ervaringen van Gods verkwikkende en begenadigende Liefde, ze worden ook nu nog door menio- hart genoten. Maar dit is niet genoeg. De genieting der enkelen moet het deel der meerderen worden; en zoo allengs zich weer als de levenskracht uit den Hooge ook in de gemeente, in haar lijden en strijden, in haar arbeid en prediking, in haar gebed en reiniging, onzen God tot heerlijkheid openbaren. Dan eerst zullen we kunnen zeggen, dat „die met ons is sterker is, dan die met hen is;" dan eerst zal de beschuldiging vervallen, alsof slechts partijzucht ons tot handelen dreef, en ook zonder dat we de Liefde Gods tot een strijdformule verlagen, zal het feit niet langer geloochend kunnen worden, dat in ons optreden zelf die Liefde Gods zich uit. phrase,

En

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's

Heils termen - pagina 176

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's