Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Heils termen - pagina 131

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Heils termen - pagina 131

3 minuten leestijd

121 werping van de belijdenis des Drieëenigen, als levenspand van alle ware Godskennis, en terugkeer van den Levenden God, dien ons de Schrift openbaart, tot het koude, doodsche en afstootende Godsbegrip, dat door de Unitariërs aller eeuwen tegen Gods H. Drievuldigheid is overgesteld.

Daarom kent de vermeerdering eenige malen,

te

dat

Schrift ook geen toeneming, die als bijvoeging en verstaan zou zijn. De Schrift bedoelt dit de twee

haar

uitspraken

toepasselijk

hier

kunnen geacht

worden (Luc. II 53 en Tim. IV 15), in den zin van uitgroeiing, en wasdom. „Opwassen in Christus" dus luidt de roepstem des vermaans, die ze der gemeente brengt met een beeld, niet aan „bijvoeging," maar aan den groei der plantenwereld ontleend. Wat nu ligt in dat beeld uitgesproken ? Immers, dat de stof, waaruit de plant gevormd zal worden, reeds vooruit in den bodem en in de lucht aanwezig is, en dat de plant deze stof in zich opneemt naar een bestek en plan, dat volkomen uitgewerkt reeds in den kleinsten zaadkiem schuilt. Wat de plant uit den bodem optrekt, vormt niet zij, maar is er, en ze doet dit niet naar willekeur, maar naar een innerlijke :

:

levenswet, die haar tot groeien dringt. Wat straks eerst in haar cellenweefsel zal worden opgezogen en aan haar stengels als blad of bloesem openbaar zal worden, is haar dus reeds toebeschikt, haar is het hare reeds, ook al schuilt het nog in den bodem. het wat Paulus bedoelt met zijn scherp geteekende uitspraak: „goede werken, die Hij voorbereid heeft, opdat wij daarin wandelen zouden." Ook van deze zijde bezien, is er van bijvoeging dus geen sprake. Tot gelijke uitkomst leidt de opmerkelijke verklaring van den apostel Joannes: Een iegelijk, die uit God geboren is, die doet de zonde niet, want zijn zaad blijft in hem, en hij kan niet zondigen,

reeds bereid,

Dat

is

hij is uit God geboren" (1 Joh. III 9); elders in deze woorden door hem herhaald: „Wij weten, dat een iegelijk, die uit God geboren is, niet zondigt" (1 Joh. Y 18), waarmee geheel overeenstemt, wat Paulus in het zevende hoofdstuk van zijn brief aan de Eomeinen uitspreekt: „Indien ik doe, dat ik niet wil, zoo doe ik nu hetzelve niet meer, maar de zonde, die in mij woont." Op het standpunt eener voortgaande heiliging door bijvoeging, is dit onverstaanbaar. In de gedachtenreeks, die op dat standpunt alleen mogelijk is, moet veeleer de wedergeborene begrepen worden, als iemand, die na zijne bekeering begint met dagelijks iets minder te zondigen dan voorheen, en voor het aantal weggebleven zonden, een daaraan beantwoordend getal goede werken in plaats stelt. Zoo moet het bij hem voortgaan van dag tot dag. Van het getal zijner levensdaden moet het aantal zondige steeds verminderen, dat der heilige steeds vermeerderen, maar althans bij den aanvang kan er van „niet zondigen" geen sprake zijn. Men begrijpt welk standpunt we bedoelen? Dat derzulken, die conse-

want

:

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's

Heils termen - pagina 131

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 294 Pagina's