Practijk der godzaligheid - pagina 236
228 Barnabas gemeente
ontvangen
te
hebben,
hun toevlucht opnieuw
nemen de tot
leeraars der Antiocbische
bidden en vasten,
om
de mee-
ning: des Geestes te verstaan,
„Toen vastten zij en baden zij, en hun de handen opgelegd hebbende, lieten zij hen gaan." 23 blijkt dat Paulus het aanstellen van leeraars In Hand. 14 c. in de verschillende gemeenten vooraf liet gaan door een algemeen vasten. „En als zij hun in elke gemeente ouderlingen verkozen hadden met opsteken der handen, gebeden hebbende met vasten, bevalen zij hen den Heere, in welken zij geloofd hadden." Even stellig heeft Paulus door voorschrift en voorbeeld de toekomende kerk het vasten aanbevolen. „Opdat gij u tot 5 zegt: Door voorschrift, als hij in 1 Cor. 7 5 vasten moogt verledigen"; en door voorbeeld^ als hij in 2 Cor. 6 meldt: „Als dienaars van God maken wij ons zelven in alles aangenaam in arbeid, in waken, in vasten'' ; en evenzoo in 2 Cor. 11 27: „In arbeid en moeite, in waken menigmaal, in honger en dorst, in vasten menigmaal, in koude en naaktheid." Tijdens Jezus' komst op aarde was het vasten als practijk der godsvrucht onder de vroomsten onder Israël en de uitnemendsten der proselieten gebruikelijk. Strekke voor Israël de profetesse Anna, voor de proselieten de hoofdman Cornelius ten bewijze. Yan Anna lezen we, Luc. 2 37, „dat ze niet week uit den tempel met vasten en bidden. God dienende dag en nacht"; en van 30 „En Cornelius zeide „Over vier dagen Cornelius, Hand. 10 was ik vastende tot deze ure toe en te negender ure bad ik in mijn huis.'* En beide wordt blijkbaar goedgekeurd; want aan de vastende XuTi.'a. valt de aanschouwing van het kindeke Jezus in den tempel ten deel, en aan den vastenden Cornelius verschijnt een engel des Heeren, om hem in naam des Heeren aan te zeggen, dat zijn met vasten v^rzelde gebeden verhoord zijn bij God. In de schriften der profeten vindt men evenals in de Bergrede :
:
:
:
:
:
:
:
eenerzij ds een aanbeveling van het vasten op zichzelf en anderzijds een bestrijding van de misbruiken, die bij het vasten waren ingeslopen. Het vasten wordt aanbevolen in den naam des Heeren; b. v. in 12: „Nu dan ook, spreekt de Heere, bekeert u tot Mij met Joel 2 uw gansche hart en dat met vasten en met geween en met rouwklagen, en scheurt uw hart en niet uwe kleederen, en bekeert u tot den Heere uwen God, want Hij is genadig en barmhartig." 14: „Heiligt een vasten, roept een verbodsdag Evenzoo in Joel 1 uit, verzamelt de oudsten en alle inwoners dezes lands, ten huize des Heeren uws Gods, en roept tot den Heere!" 15: „Blaast de bazuin te Zion, heiligt een vasten, Ook in Joel 2 roept een verbodsdag uit!" Voeg er bij Jeremia 86:9: „En het geschiedde dat zij in de :
:
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's