Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dat de genade particulier is - pagina 42

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dat de genade particulier is - pagina 42

2 minuten leestijd

33 Zie,

men nog

dat deed

Toen werd

er

niet in de

dagen onzer vaderen.

nog eiken Zondag in het midden der gemeente voor

en alle hoogen der aarde gebeden. In Enoreland doet men dit nog.

alle volk

V.

WAT ZEGT

2

PETRUS

III

9

:

?

Niet willende dat eenigen verloren gaan, dat zij allen tot bekeering komen.

maar

2 Petr. 3

:

9.

Het derde en laatste stuk der Schrift, dat toegelicht behoort te worden, eer ik tot de eigenlijke ontvouwing van de leer der particuliere genade overga, levert de tweede brief van Petrus. Nu is er, gelijk men weet, geen boekdeel der Heilige Schrift, dat zulk een moeite heeft gehad, om op de lijst der canonieke boeken een plaats te verkrijgen als die tweede Petrus-brief. Eerst wou niemand er aan. Gemeente na gemeente wees hem als een ondergeschoven stuk af. Overschrijver na overschrijver liet hem uit. Op lijst na lijst vond men het veiliger, hem niet op te nemen. En dit was volkomen natuurlijk. Immers er komen in dezen tweeden zendbrief van Petrus over den

heilsweg een paar uitdrukkingen voor, die schijnbaar zóó sterk afwijken van de doorgaande Schriftleer en met name van wat Petrus zelf in zijn eersten zendbrief leert, dat de gemeenten, dat de overschrijvers, dat de lijstenmakers die nog leefden in een tijd toen niemand nog van iets anders dan van een particuliere genade wist, wel bezwaar moesten maken, om zonder zeer scherp en dubbel nauwkeurig onderzoek zulk een brief een eereplaats te gunnen op den heiligen canon. En even natuurlijk is het dus ook, dat Calvijn, in de dagen der Hervorming, aanvankelijk gelijke bezwaren tegen de echtheid van dezen brief voelde opkomen, en niet dan na voorafgaande wegneming van zijn bezwaren tot de erkenning van diens goddelijken oorsprong besloot.

Eeeds deze opmerking.

Ten

eerste

kerk, d. w.

z.

notoire

feiten

geven

aanleiding

tot

een drievoudige

toch blijkt hieruit, dat in de geestelijk beste tijden der zoowel in de eerste eeuwen der Christenheid als in de

eeuw der Reformatie, een

brief die de „algemeene

leeren, door de kerk als onecht terzij

werd gelegd.

genade" scheen

Ben

bewijs,

te

dat,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's

Dat de genade particulier is - pagina 42

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's