Dat de genade particulier is - pagina 37
27
meest der geloovigen". Waar dus reeds door de bijvoeging van „allermeest der geloovigen" de kracht van het alle mensch rechtstreeks gebroken wordt. 20: „Bestraf die zondigen in aller tegenwoordigheid". 1 Tim. 5 Wat natuurlijk niet beteekent: „allen, hoofd voor hoofd; maar van allen die bij de zaak betrokken waren". 1 Tim. 6 13: „Ik beveel u voor God, die alle ding levend maakt, dat gij dit gebod houdt". Wat uiteraard noch beteekent noch beteekenen kan, dat alle ding dat bestaat, door God werkelijk levend gemaakt wordt; overmits steen en erts nooit ten leven komt, en geestelijk de Satan b. v. eeuwig dood blijft; maar alleen zeggen wil: „alle ding dat ten leven komt, wordt levend niet door eigen kracht, maar door God". 15: „Gij weet, dat allen die in Azië zijn, zich van mij 2 Tim. 1 afgewend hebben". Hoofd voor hoofd zou dit beteekenen: al de millioenen die in Azië leven, wat onzin ware. Bedoeld zijn dus: diegenen onder de Aziaten, die met Paulus in rapport hadden gestaan. En zelfs begrijpt ieder, dat Paulus ook hiervan nog geen verzekering kon doen. Of hoe wist hij, of er niet in Ephese, in Laodicea, of elders nog een enkele man of vrouw was die zijn zaak bepleitte? Kennelijk is dan ook alleen dit bedoeld: „Alle Aziatische vrienden, :
:
:
van
ir ie
ik hoor, vallen mij af".
7: „De Heere geve u verstand in alle ding". Dus ook in den scheepsbouw? Ook in de Chineesche taal? Ook in het diamantslijpen? Immers neen! Maar kort en bondig: „in alle ding, waarvoor
2 Tim. 2
ge
te
:
staan komt".
12: „Allen die godzaliglijk willen leven zullen verTim. 3 volo-d worden". Toch natuurlijk niet alle personen alle eeuwen door. Maar: „in tijden van vervolging". Of ook: „allen die in het oog liepen en te midden van andersdenkenden verkeerden". 17: „De Heere heeft mij bekrachtigd .... opdat a/Zé- /i^e2 Tim. 4 denen mijn prediking zouden hooren". Wat klaar als de dag zeggen wil, niet „alle heidenen hoofd voor hoofd", maar de heidenen in allerlei landen en steden. 11: „De zaligmakende genade is verschenen r/Z/é'^i m?;?se^^w", Tit. 2 hoewel toch hier niet kunnen bedoeld zijn de menschen voor Jezus* komst, noch de menschen, die, toen Paulus schreef, nog niet geboren waren, en onder Paulus' tijdgenooten alleen die enkele duizenden die 2
:
:
:
prediking opvingen. Zoodat het beteekenen moet, gelijk de conook zonneklaar aanwijst: „aan vrijen en dienstbaren, aan menschen van alU^'lei rang en stand".
de
tekst
En
eindelijk,
om
niet
meer
te
noemen:
3:2:
„Bewijst zachtmoedigheid jegens alle menschen". Wat, naar ieder ziet, niet kan willen zeggen „aan alle millioenen menschen die er zijn of zullen komen, hoofd voor hoofd", maar aan die enkelen Tit.
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909
Abraham Kuyper Collection | 270 Pagina's