Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Practijk der godzaligheid - pagina 71

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Practijk der godzaligheid - pagina 71

3 minuten leestijd

:

63

vormen, hij

aan menschen vaste beginselen inprenten

wil,

die

denke eer

spreke, en blijve zich in zijn spreken aldoor gelijk.

Zoo dus ook de kerk. De kerk is niet God. God komt van binnen bij een mensch in zijn hart. Dat kan de kerk niet. En daarmee reeds is al dat pantheïstisch gekeuvel van een atmosfeer geoordeeld. De kerk kan den zondaar alleen door het woord bereiken (op den kansel, in de catechisatie, aan huis, door geschriften, in liederen, enz.) Het woord nu brengt ons op het terrein van het bewuste leven, en van het onbewuste af. Om een woord te hebben, moet er een gedachte vooraf zijn gegaan, en die gedachte is vrucht van ons bewustzijn. Dat is dus de brug waar de kerk over moet, om tot onze ziel te komen. Zal er dus geen gedurige tijdverspilling en geen eindelooze verwarring ontstaan, dan behoort de kerk een toestand in het leven te roepen, dat als een predikant op den preekstoel spreekt van rechtvaardig making, ieder hoorder daarbij 't zelfde denke wat de prediker er

mee

En

bedoelt.

dat

nu wederom kan

van eens voorgoed

niet,

tenzij

het kerkelijk spraakgebruik er

de gemeente precies prediker vooruit. Dan komt er in de prediking diepte, vastheid, kalmte, kracht De taal der oogen, de indruk van iemands optreden en karakter, zijn voorbeeld en wijze van doen, werken ook wel. Maar om te kunnen werken, moeten al deze dingen toch weer in het bewustzijn zich afspiegelen, en dat nu juist kunnen ze niet, tenzij dat bewustzijn helder zij. En dat bewustzijn kan niet helder zijn, zonder eenparigen en vasten voet van onderwijzing. hetzelfde er

bij

vaststa,

denke.

en zóó de prediker

Dan komt

als

er helderheid.

Dan kan een

De aanhouder wint. De kracht ligt in

het geduld om het repeteeren nooit moede te worden. Altijd maar weer de drop op den steen. Predikanten die dit niet inzien, en aldoor zich uitputten om „frisch" te zijn en altoos weer met wat anders komen, gaan en komen dan ook in een gemeente, zonder er blij venden indruk achter te laten. Wie zijn gemeente vooruit wil helpen, putte zich minder uit om te behagen door nieuwe vondsten, maar gebruike veel liever zijn tijd en legge er zich op toe, om volkomen helder de dingen voor zichzelf door te denken, en getrooste zich voorts de zelfopofferende taak, om altoos gelijkmatig datzelfde op gelijke wijze aan zijn gemeente in te prenten. Dan komt er wat in. Iets dat beklijft. Iets wat zoden aan den dijk zet. En wie zoo zijn gemeente vormt, oefent metterdaad

vormende

kracht.

Nog

een andere reden noopt hiertoe. Als de zondaar, dien ge toespreekt, den indruk ontvangt „Wat !" die man zegt is de opinie van dien man, vandaag zoo, morgen zus dan bewerkt dat het hart van dien zondaar niet. Dan denkt hij :

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's

Practijk der godzaligheid - pagina 71

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's