Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Practijk der godzaligheid - pagina 164

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Practijk der godzaligheid - pagina 164

2 minuten leestijd

156

mag en moet oordeelen wat doen staat. Genoeg om aan te toonen, dat de lans van Pinehas, die den schennigen Israëliet en zijn Midianietische hoer doorstak ten doode, ook tevens eens voor al ten doode toe doorvlijmd heeft alle zelfinbeelding en zelfverheffing van het alle actie monopoliseerende ambt. verantwoordelijkheid voor. Hij dus alleen

hem

te

XVI.

WEERSTAND. Oordeelt gijlieden of het recht is voor God, ulieden meer te hooren dan God.

Hand.

De

4

:

19.

overdrijving, en dientengevolge vervalsching van bleek dan op Schriftuurlijk en Christelijk terrein onhoudbaar. Een ieder die een ambt in de kerk van Jezus Christus bekleedt, hetzij op aarde, hetzij in den hemel (bijaldien er daar immers ook ambten zijn), is ambtenaar van onzen Souverein, koninklijk ambtsdrager op kerkelijk gebied. Wil men het op de meest eervolle wijze, zeg dan wat onze vaderen vaak zeiden ze zijn een soort ambassadeurs.

het

ongeestelijke

ambt,

:

„Gezanteu, gelijk Paulus het noemt, van Christuswege, alsof God door hen bade." Een hooge eeretitel, in dien lioogen zin zeker alleen op de heilige Apostelen toepasselijk, maar dan toch bij derde van vergelijking ook wel aanwendbaar op de ouderlingen (leerende en regeerende) en ten deele zelfs op diakenen. Maar ook al nemen we de ambtenaren van Koning Jezus in dien hoogen zin van „vorstelijke ambassadeurs ofte gezanten," dan staat toch tweeërlei vast. Vooreerst, dat een ambassadeur nooit ingang krijgt, tenzij hij zijn credentiaal vertoone en blijke niet zijn eigen woord over te brengen, maar het woord van zijn souverein. Zoodat ook onder ons een koninklijk

ambtenaar of vorstelijk ambassadeur van Koning Jezus bij niein waarde kan of mag zijn, tenzij hij blijke het Woord van

mand

Koning Jezus

En

te

brengen. dat een vorst die een gewoon gezant aan een hof

ten andere,

daarmee volstrekt niet afstand gedaan heeft van het recht, om „buitengewoon gezant" te zenden, ter goedmaking van wat zijn gewone ambassadeur bedierf. En dat zoo ook Koning Jezus wel terdege, ingeval zijn gewone ambassadeurs zijn zaken niet behoorlijk uitrichten, buitengewone personen verwekt, die herstellen wat de gewone ambtenaren bedierven. heeft,

een

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's

Practijk der godzaligheid - pagina 164

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1909

Abraham Kuyper Collection | 272 Pagina's